Canadees pensioenfonds moet Nederlandse fiscus 213 miljoen euro terugbetalen
In dit artikel:
Het Canadese pensioenfonds Hoopp moet volgens de rechtbank Zeeland-West-Brabant ruim €213 miljoen aan de Belastingdienst betalen omdat het over de jaren 2013–2018 ten onrechte dividendbelasting terugvroeg. Het vonnis van 22 december stelt dat Hoopp niet de uiteindelijk gerechtigde was van de aandelen waarvoor het teruggave of verrekening vroeg, maar een constructie inzette met een vaste buitenlandse wederpartij en steeds dezelfde makelaar.
Kort voor dividenduitkeringen kocht Hoopp via die makelaar aandelen van Nederlandse vennootschappen (onder meer BinckBank) van die wederpartij. Uit mailcorrespondentie concludeerde de rechtbank dat de transacties beperkt afspraken betroffen over aantallen aandelen en de verdeling van de te ontvangen of verrekende dividendbelasting. De rechtbank kwalificeert dit als een “samenstel van transacties” gericht op het onterecht laten terugbetalen van dividendbelasting (zogenaamde dividendstrippen) en wees de naheffingsaanslagen met rente van in totaal circa €213 mln toe aan de Belastingdienst.
Hoopp, dat de pensioenen van bijna een half miljoen deelnemers beheert, ontkent betrokkenheid bij dividendentricks en verklaarde teleurgesteld te zijn: “Hoopp is verrast en teleurgesteld over dit besluit en zal zich krachtig tegen de beschuldigingen verdedigen.” Het fonds kan nog in hoger beroep. Daarnaast blijkt uit berichtgeving van het Financieele Dagblad in oktober 2025 dat Hoopp ook onderwerp is van een strafrechtelijk onderzoek naar dezelfde jaren en mogelijke ontduiking van dividendbelasting.
Dividendstrippen vormt een groot Europees probleem; het CumEx-onderzoek toonde aan dat bankiers, beleggers en tussenpersonen meerdere landen miljarden hebben gekost (circa €150 mrd). In Nederland lopen meerdere strafzaken en afdoeningen, waaronder een boete van ruim €101 mln voor Morgan Stanley en het onderzoek naar handelaar Frank Vogel.