Cabaretier Peter Pannekoek over zijn liefde en hartstocht voor voetbal: 'Dat roepen om een WK-boycot vind ik zo laf'

maandag, 4 mei 2026 (10:48) - Het Parool

In dit artikel:

Peter Pannekoek (39), cabaretier en fervent voetballiefhebber, beschouwt voetbal als hij zijn vak ziet: compromisloos en totaal bezeten. Elke zondag speelt hij op een klein plein achter Artis in Amsterdam, waar een onopvallend bordje — “Het is niet de overwinning die telt, maar het hebben van een eigen veld” — zijn manier van beleven treffend vangt. Voor Pannekoek gaat het niet om het nut van voetbal, maar om de intensiteit waarmee mensen zich eraan overgeven.

Hij zegt zichzelf geen voetbalkenner te vinden, maar wel een ‘dolenthousiaste leek’: hij kijkt uren per week voetbal, reisde met vrienden langs stadions door Europa en bezocht in de zomer van 2024 meerdere EK-wedstrijden in Duitsland. Toch laat hij zich politieke en bestuurlijke kritiek niet ontzeggen. Pannekoek weigert naar het WK in de VS te reizen, vooral vanwege politieke aversie tegen Donald Trump en diepe ergernis over de FIFA-leiding onder Gianni Infantino, die hij hypercommercieel en dubieus noemt. Een full-scale boycot van spelers vindt hij echter lafhartig: sporters hebben hun hele leven naar zo’n toernooi gewerkt, dus als je tegen de VS wilt protesteren kun je beter zelf weigeren te kijken.

Commercie stoort hem: van torenhoge prijzen voor Oranjeshirts tot opgeblazen reiskosten rond het toernooi. Tegelijk ziet hij ook humor en schoonheid in het spel. Voetbal is voor hem een micrometafoor voor zingeving: het leven is in essentie zinloos, maar door onbelangrijke dingen als voetbal enorm te waarderen creëer je betekenis. Dat verklaart volgens hem de massale emotie: duizenden mensen die euforisch juichen om elf onbekende spelers in een stadion dat toevallig dicht bij hen ligt.

Pannekoek bewondert obsessieve inzet: coaches en spelers die alles aan zichzelf en hun team onderwerpen verdienen zijn respect. Namen als Pep Guardiola, Marcelo Bielsa, Louis van Gaal en Frenkie de Jong komen voorbij als voorbeelden van pure vakmanschap; Lionel Messi noemt hij zowel natuurlijk talent als het resultaat van ontelbare trainingsuren. Tegelijk is hij kritisch op bondscoach Ronald Koeman: hij waardeert Koemans ingehouden woede, maar mist bij hem visionaire ideeën en is het oneens met uitspraken van sommige trainers die beweren dat penalty's niet te trainen zijn. Zijn remedie: extreme trainingsdruk — wie mist verliest direct zijn basisplaats — omdat er volgens hem niets aan het toeval overgelaten mag worden.

In zijn reflecties op clubvoetbal hekelt Pannekoek luiheid en arrogantie, en noemt gevallen als gebrekkige communicatie met uitgeleende spelers bij Ajax onbegrijpelijk. Hij waardeert de obsessieve mentaliteit van coaches als Peter Bosz en Erik ten Hag, ook al werden zij niet altijd gewaardeerd door iedereen. Media-invloeden zoals die van De Telegraaf wekt bij hem juist wantrouwen: wanneer de krant een trainer omarmt, ziet hij dat vaak als slecht voorteken.

Voetbaldingen verwerkend in zijn cabaret, past Pannekoek zijn shows soms aan aan grote wedstrijden (hij vervroegde eens een voorstelling vanwege een Feyenoord-finale). Hij kijkt het liefst thuis met een klein cluppie gelijkgestemden; kroegkijken en relativerende toeschouwers ergeren hem. Zijn literaire liefde voor het spel toont zich in het noemen van Barcelona’s goal tegen Real Madrid (2010/11) als puur kunstwerk — een voorbeeld van voetbal dat meer is dan sport: esthetiek en hartstocht in één.