"Buschauffeur rijdt na vroege shift nog met touringcar naar Parijs": vakbonden klagen misbruik van flexi-jobs aan
In dit artikel:
Buschauffeurs die via flexi-jobs voor meerdere busbedrijven tegelijk werken, zouden volgens vakbonden en getuigen regelmatig te lange dagen kloppen, met mogelijke gevolgen voor de verkeersveiligheid. Het probleem speelt vooral sinds 1 januari 2024, toen professionele chauffeurs in de sector bij een andere busonderneming mochten bijverdienen. Chauffeurs die vast bij De Lijn werken, mogen dat voorlopig nog niet, maar ongeveer 30 procent van de De Lijn-ritten gebeurt wel via onderaannemers, waar flexi-jobs wel mogelijk zijn.
Getuigen uit de sector schetsen extreme voorbeelden: chauffeurs die na een vroege rit bij De Lijn nog een toeristenreis naar Parijs doen, of mensen die met weinig slaap meerdere jobs combineren om financieel rond te komen. Vakbond ABVV-BTB waarschuwt al sinds 2023 voor het risico dat rij- en rusttijden worden overschreden en vroeg de overheid om een uniforme digitale registratie van alle arbeidstijden. Ook ACV zegt dat de controle tekortschiet en dat overbelasting moeilijk zichtbaar is zolang prestaties bij verschillende werkgevers niet centraal worden bijgehouden.
Volgens de sectorfederatie FBAA is het probleem beheersbaar zolang de regels worden nageleefd: chauffeurs mogen maximaal 48 uur per week werken over alle werkgevers heen en moeten hun extra prestaties melden. De federatie ziet flexi-jobs bovendien als een noodzakelijke oplossing voor het chauffeurstekort, dat volgens hen al flink is gedaald. De overheid controleert wel, maar de pakkans blijft laag door versnipperde bevoegdheden en personeelstekort: in 2025 stelde de FOD Mobiliteit 56 overtredingen vast bij 1.044 gecontroleerde voertuigen, terwijl de Arbeidsinspectie in de sector 257 onderzoeken voerde. De kern van de discussie blijft dus de kloof tussen duidelijke regels op papier en zwakke controle in de praktijk.
Vandaag Inside Oranje: Hoe denken FC Barcelona-fans over Frenkie de Jong?