Burgemeesters over vuurwerkvergunning: 'Handhaving wordt onmogelijk'
In dit artikel:
De burgemeesters van Nijmegen (Hubert Bruls) en Haarlem (Jos Wienen) uiten sterke twijfels over de voorwaarden rond een mogelijk landelijk vuurwerkverbod, nadat het kabinet gisteren aankondigde dat buurtverenigingen of clubs onder strikte voorwaarden ontheffing kunnen aanvragen. De beslissing over zulke ontheffingen ligt uiteindelijk bij de burgemeester van de betreffende gemeente. Ook de burgemeesters van Rotterdam en Delft hebben soortgelijke zorgen geuit.
Hun belangrijkste bezwaar is handhaafbaarheid. Beide bestuurders wijzen erop dat oud en nieuw de drukste nacht van het jaar is en dat gemeenten al krap zitten qua politie, brandweer en ambulancepersoneel. Bruls zegt dat Nijmegen sinds 2020 een lokaal vuurwerkverbod kent en daarom geen capaciteit heeft om meerdere georganiseerde afsteeklocaties te begeleiden. Wienen wijst op het voorgestelde regiem waarbij per ontheffing met maximaal acht personen en minstens twee volwassenen mag worden afgestoken; dat zou volgens hem leiden tot veel kleine, verspreide initiatieven — bijna per straat een clubje — wat toezicht praktisch onmogelijk maakt.
Verder vrezen zij dat een nationaal verbod met uitzonderingen verwarring en ongelijkheid tussen gemeenten zal veroorzaken. Bruls waarschuwt voor uiteenlopende regels en discussies als de ene vereniging wel en de andere niet wordt toegestaan; hij pleit voor regionale afstemming. Het kabinet ziet juist ruimte voor regionale verschillen, aldus demissionair staatssecretaris Aartsen.
Beide burgemeesters zeggen niet verplicht te zijn ontheffingen te verlenen en verwachten dat veel gemeenten er terughoudend mee zullen omgaan. Ze hopen dat er alsnog een algeheel verbod voor de komende jaarwisseling komt; Bruls vermoedt dat de heftige afgelopen jaarwisseling meer draagvlak voor een compleet verbod heeft gebracht.