Burgemeester Loosdrecht biedt excuses aan voor slechte communicatie over asielnoodopvang
In dit artikel:
Waarnemend burgemeester Mark Verheijen (VVD) heeft zijn excuses aangeboden aan bewoners van Loosdrecht voor de manier waarop de gemeente het besluit over de noodopvang van asielzoekers in het gemeentehuis heeft aangekondigd. In een videoboodschap op de gemeentelijke website erkende hij dat inwoners zijn overvallen door de snelheid en de gebrekkige communicatie rond het besluit en kondigde hij aan de komende tijd met bewoners in gesprek te willen gaan om de opvang zo veilig en leefbaar mogelijk te laten verlopen.
De tijdelijke opvang voor maximaal zeventig asielzoekers blijft doorgaan en duurt uiterlijk tot 1 november. Aanvankelijk waren er 110 plekken gepland, maar dat aantal werd verlaagd nadat er onrust in het dorp ontstond. De keuze voor het gemeentehuis hangt samen met het feit dat Loosdrecht aan het eind van het jaar opgaat in de buurgemeente Hilversum en delen van het pand daardoor leegstaan.
De komst van de noodlocatie leidde al tot ernstige ongeregeldheden: er werden vuurwerk en fakkels naar het pand gegooid, er ontstonden brandjes in de omgeving en relschoppers probeerden de brandweer te hinderen. Tijdens een later protest werd een waterkanon ingezet en werden meerdere mensen aangehouden. Als reactie vraagt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) spoedoverleg met het kabinet en om extra bevoegdheden voor gemeenten om dergelijke situaties te kunnen beheersen. De AIVD onderzoekt of de protesten georganiseerd zijn en welke onderliggende patronen er spelen.
Asielminister Bart van den Brink (CDA) bezocht Loosdrecht en waardeerde de videoboodschap van Verheijen; hij zei niet te hebben aangedrongen op excuses en merkte op dat er in de gemeenschap zowel voor- als tegenstanders zijn, met een kleine groep die tot geweld overgaat. Tegelijkertijd groeit ook lokale steun voor de opvang: het COA ontving vanuit het hele land brieven, bloemen en cadeaus voor de asielzoekers en hulpverleners.
Verheijen benadrukt dat het gebouw na 1 november een andere functie krijgt en dat de gemeente zich inzet om de tijdelijke opvang in goede banen te leiden.