Brussel kiest de aanval in 'cultuuroorlog' met Trump en de zijnen: is dat wel verstandig?
In dit artikel:
In Brussel is de Europese Unie de afgelopen weken nadrukkelijk progressief van toon geworden met plannen om vrouwen- en lhbt+-rechten op Europees niveau steviger te verankeren. De Europese Commissie werkt aan een brede genderstrategie en het Europees Parlement bespreekt een EU-breed verbod op zogeheten conversietherapieën. Eurocommissaris Hadja Lahbib kondigde bovendien aan dat de EU financiele steun vrijmaakt om vrouwen uit andere lidstaten te helpen bij het vinden van veilige abortuszorg.
Die stap wordt gepresenteerd als bescherming van fundamentele rechten en als reactie op wat Europese politici zien als een wereldwijde opleving van conservatieve ideeën. De agenda valt samen met de opmars van bewegingen en leiders die traditionele gezinswaarden benadrukken, met Donald Trump en zijn MAGA-aanhangers als referentiepunt voor veel Europese conservatieven.
De nieuwe focus van Brussel leidt tot scherpe verdeeldheid. Progressieve parlementariërs pleiten voor Europese inmenging waar nationale wetten rechten schenden of mensen traumatiseren; conservatieve politici vinden dat zulke medische-ethische kwesties thuishoren bij lidstaten. In het Europees Parlement leidde dit al tot theatrale protesten — onder meer een grote anti-abortusbanner — en wederzijdse aantijgingen van massale lobbycampagnes, soms met verwijzingen naar buitenlandse financiering uit zowel oosterse als westelijke hoek.
SGP-Europarlementariër Bert‑Jan Ruissen waarschuwt dat centralisering van dit soort thema’s de samenwerking binnen de EU kan ondermijnen en zelfs tot verdere desintegratie kan leiden, met name als landen als Polen en Hongarije zich hierdoor gemarginaliseerd voelen. Dat risico speelt mee in bredere strategische overwegingen: sommige voorstanders zien de stappen als onderdeel van Europese autonomie ten opzichte van de Verenigde Staten, terwijl critici vrezen dat openlijke confrontatie met Washington en trans-Atlantische bondgenoten politiek en veiligheidsrisico’s met zich meebrengt.
In Den Haag klinken uiteenlopende reacties: partijgenoten van progressieve voorstanders roepen op tot daadkracht, maar kopstukken als Rob Jetten benadrukken voorzichtigheid en het dilemma tussen Europese normen en nationale wetgeving. De kernvraag die in Brussel speelt is of de EU met haar ambitie om waarden te verdedigen meer eensgezindheid creëert of juist extra verdeeldheid zaait — een debat dat de komende maanden alleen maar scherper zal worden.