Brug bij Dorkwerd na maanden omrijden weer begaanbaar voor verkeer. Waarom duurde dat zo lang? Vijf vragen
In dit artikel:
Na een aanvaring op 7 november met een 87 meter lang binnenvaartschip, waarbij de kapitein meldde dat hij op zijn telefoon bezig was toen de brug plots uit de mist opdook, kwamen bij inspectie scheuren in de staalkabels van de Dorkwerderbrug aan het licht. Hoewel de vaarweg open bleef voor scheepvaart, hing de brug in opgetrokken positie, waardoor auto’s en fietsers maandenlang grote omwegen moesten maken. Rijkswaterstaat heeft de beschadigde kabels afgelopen weekend vervangen; vanaf maandag kan het verkeer weer over de brug.
De aanvaring bij Dorkwerd is geen geïsoleerd incident op het Van Starkenborghkanaal. Sinds 2000 hebben zich daar bijna veertig aanvaringen voorgedaan, met eerder grote gevolgen voor bruggen zoals de Paddepoelsterbrug (kapot in 2018) en de Gerrit Krolbrug (ongebruikbaar voor gemotoriseerd verkeer sinds 2021). Bij vervolgonderzoek bleek dat ook de kabels van de tafelbruggen bij Zuidhorn en Aduard versleten waren. De brug van Zuidhorn werd vóór de kerst tijdelijk in de lucht gezet; na inzet van een pendelbus en tijdelijke voetgangersbrug zijn die kabels eind februari vervangen.
Rijkswaterstaat zegt verrast te zijn door de snelle slijtage: waar kabels normaal twintig jaar meegaan, moesten deze na ongeveer acht jaar worden vervangen. Het bestellen en vervaardigen van vervangende kabels kost tijd, waardoor prioritering plaatsvond op basis van verkeersdrukte. De brug bij Aduard, waarvan de kabels eveneens versleten zijn maar tot nu toe veilig bleef, krijgt binnenkort dezelfde behandeling. Ondertussen vragen omwonenden uit getroffen dorpen schadevergoeding vanwege de extra reiskosten.