Britse premier Starmer wil 'blijven vechten', ook na pijnlijk verlies in Labourbolwerk
In dit artikel:
In het kiesdistrict Gorton and Denton bij Manchester verloor Labour deze week een zetel die jarenlang als veilig Labour-bolwerk gold. Bij de tussentijdse verkiezingen afgelopen donderdag behaalde Hannah Spencer (Groenen) de overwinning met 14.980 stemmen; op ruime afstand volgde Matt Goodwin van Reform UK (10.578) en Labour‑kandidate Angeliki Stogia (9.364), waarmee Labour naar de derde plaats zakte.
De verkiezing was noodzakelijk nadat voormalig Labour‑parlementslid Andrew Gwynne vanwege gezondheidsredenen zijn ontslag indiende. De uitslag wordt gezien als een signaal van groeiende onvrede onder kiezers en kan het debat over het leiderschap van premier Keir Starmer aanwakkeren. Starmer noemde het resultaat “zeer teleurstellend” en erkende dat kiezers ongeduldig zijn; hij voegde er persoonlijk aan toe dat hij “voor die mensen blijft strijden zolang ik ademhaal.”
Binnen Labour speelde de kwestie van kandidaatstelling een belangrijke rol. Andy Burnham, de populaire burgemeester van Manchester en partijgenoot, had zich willen kandideren maar werd door een interne selectiecommissie niet naar voren geschoven uit vrees voor zijn vermeende ambities richting het premierschap. Peilingen suggereerden dat Burnham waarschijnlijk beter had gepresteerd, wat kritiek opriep op de leiding van de partij en op Starmer zelf.
Kort samengevat: de verrassende overwinning van de Groenen en de opkomst van Reform UK laten verschuivingen in het kieslandschap zien, vergroten de druk op Labour en zetten het interne zangeregel rond mogelijke alternatieve leiders opnieuw in de schijnwerpers.