Britse premier Starmer "erg teleurgesteld" na grote verkiezingsnederlaag bij tussentijdse verkiezingen
In dit artikel:
In de tussentijdse verkiezing in het kleine kiesdistrict Gorton and Denton (bij Manchester) boekte de Labour-partij van premier Keir Starmer een gevoelige nederlaag. De Groenen kwamen als winnaar uit de bus met ruim 40% van de stemmen, Reform UK werd tweede met bijna 30% en Labour eindigde verrassend op de derde plaats met iets meer dan 25%.
De uitslag kreeg veel aandacht omdat er behalve een zetel ook politieke geloofwaardigheid op het spel stond: Starmer, die in 2024 aantrad, zag sindsdien zijn populariteit dalen. Dat verlies van steun wordt toegeschreven aan stijgende kosten van levensonderhoud en energietarieven, maar ook aan een imago van kille afstandelijkheid waardoor zijn boodschap minder aanslaat bij kiezers.
Starmer reageerde teleurgesteld en erkende de frustratie onder kiezers. Hij zei dat hij "laat in de politiek gestapt [is] om te strijden voor verandering" en dat hij zal blijven "strijden tegen extremen in de politiek". Binnen Labour klinkt echter steeds meer kritiek: partijgenoten vinden dat de partij te ver van de publieke beleving afstaat.
Een extra twist is dat de populaire burgemeester van Manchester, Andy Burnham, door het nationale partijorgaan niet werd toegelaten als kandidaat — een beslissing die mede op aandringen van Starmer zou zijn genomen en die intern wrevel heeft veroorzaakt. Dat voedt speculatie over machtsstrijd en mogelijke gevolgen voor de partijleiding.
Met de bredere lokale verkiezingen in mei op komst is de vraag of Gorton and Denton een incident blijft of het begin van een bredere trend waarbij Labour verdere klappen krijgt. De uitslag wordt gezien als waarschuwing over de politieke koers en aantrekkingskracht van Starmer’s partij.