Box 3 terugvragen met je werkelijke rendement: voor wie het loont, welke papieren je nodig hebt en waarom spaargeld zelden iets oplevert

dinsdag, 27 oktober 2026 (12:06) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Sinds de Wet tegenbewijsregeling box 3 op 19 juli 2025 van kracht werd, kunnen belastingplichtigen aantonen dat hun werkelijke rendement lager was dan het forfaitaire rendement waarmee de Belastingdienst rekent. Zij betalen dan belasting over het lagere werkelijke rendement. De regeling is een tijdelijke reactie op uitspraken van de Hoge Raad, waaronder het Kerstarrest uit 2021 en een uitspraak uit juni 2024, waarin is bepaald dat belasting over een fictief rendement niet altijd rechtmatig is.

De regeling geldt voor spaargeld, beleggingen, een tweede woning en andere bezittingen. Het werkelijke rendement omvat onder meer rente, dividend, waardestijgingen en waardedalingen. Kosten zoals beheer- en advieskosten mogen niet worden afgetrokken. Bovendien geldt bij deze berekening geen heffingsvrij vermogen. Daardoor is tegenbewijs voor mensen met alleen spaargeld meestal niet voordelig. Bij €100.000 spaargeld en 1,5 procent rente zou het werkelijke rendement bijvoorbeeld hoger uitvallen dan het belastbare forfaitaire rendement. Alleen bij een zeer lage rente kan bezwaar voordeel opleveren.

Voor beleggers kan de regeling wel interessant zijn, vooral na een slecht beursjaar. Bij €100.000 aan beleggingsfondsen zou de forfaitaire berekening over 2025 uitkomen op ongeveer €896 belasting. Bij een stijging van 1 procent en 1 procent dividend bedraagt het werkelijke rendement €2.000, wat neerkomt op ongeveer €720 belasting. Bij sterke koersstijgingen levert tegenbewijs niets op.

De Belastingdienst verwacht ongeveer 10 miljoen formulieren ‘Opgaaf werkelijk rendement’ te verwerken. Invullen is niet verplicht: wie niets doet, blijft onder het forfaitaire rendement vallen. Belastingplichtigen moeten het rendement per jaar berekenen. Wie de brief of termijn mist, kan onder voorwaarden bezwaar maken en het formulier alsnog indienen; in sommige gevallen kan dat nog tot vijf jaar na het betreffende belastingjaar. Vooral beleggers, eigenaren van een tweede woning en mensen met waardedalingen doen er daarom goed aan hun situatie te controleren.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Dave Maasland vertelt In de Wandelgangen over zijn nieuwe tv-programma: 'Ik hoop echt...'