Bouw van minstens zeven megadatacentra gaat door, ondanks politiek verzet
In dit artikel:
Volgens branchevereniging Dutch Datacentra Association (DDA) worden in Nederland nog minstens zeven megagrote datacentra (hyperscales) gebouwd, ondanks dat de Tweede Kamer onlangs een motie aannam om de bouw van zulke grote centra te beperken. Voor die zeven projecten — waaronder plannen in Amsterdam en Lelystad — zijn de vergunningen grotendeels al verleend, waardoor nieuwe regels en politieke tegenstand vaak te laat komen.
Hyperscales zijn zeer omvangrijke serverparken die soms meerdere hectaren beslaan en enorme hoeveelheden elektriciteit verbruiken; sommige centra vragen jaarlijks evenveel stroom als ruim 200.000 huishoudens. Nederland telt momenteel drie van deze megacentra, onder andere van Microsoft en Google. Datacenters vormen nu al circa 5% van het Nederlandse energiegebruik, en netbeheerders verwachten dat dit in de komende jaren kan verdubbelen. Dat leidt tot zorgen over de druk op het stroomnet, ruimtelijke ordening en het visuele landschap.
In 2022 stelde kabinet-Rutte IV limieten: hyperscales mochten maximaal 10 hectare groot zijn, een aansluiting tot 70 megawatt krijgen en alleen in drie aangewezen gebieden worden gerealiseerd (Eemshaven, rond Schiphol en de Kop van Noord-Holland/Hollands Kroon). Toenmalig minister Mona Keijzer benadrukte dat vergunningen voor sommige projecten al van kracht waren vóór de nieuwe regels. Een Kamermeerderheid riep vervolgens op tot verdere aanscherping, maar voor de zeven lopende projecten lijkt dat geen effect te hebben. Er liggen daarnaast plannen voor nog vier andere hyperscales waarvoor bezinning van nieuw kabinet en minister Elanor Boekholt-O’Sullivan nu cruciaal is.
Lokaal stuit vooral de Haarlemmermeer-regio rond Schiphol op verzet: daar komen vier van de toekomstprojecten pal naast woongebieden, en inwoners maken zich zorgen over overlast en het ontbreken van bestuurlijke invloed. Enkele provincies en gemeenten (onder meer Utrecht, Leiden, Breda, Westland) leggen striktere grenzen of willen datacenters grotendeels weren.
De sector verdedigt de noodzaak: volgens DDA-voorzitter Stijn Grove zijn grote centra efficiënter en onmisbaar voor ziekenhuizen, universiteiten en overheidsdiensten die data lokaal willen opslaan. Wetenschappers waarschuwen juist dat grootschalige datacenters de energietransitie kunnen ondermijnen en dat de maatschappelijke baten niet altijd opwegen tegen de kosten. De vraag of Nederland zijn rol als digitaal knooppunt behoudt, hangt nu af van het beleid van minister Boekholt-O’Sullivan en lokale besluitvorming.