Boeren in Drentsche Aa slaan handen ineen om boerengrond te behouden of te verwerven. 'Grond is emotie'

dinsdag, 5 mei 2026 (07:42) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Zes akkerbouwers en melkveehouders in het stroomgebied van de Drentsche Aa hebben de stichting Boerengrond Drentsche Aa opgericht om gezamenlijk sterker te staan bij landverwerving, bedrijfsvoering en natuurbeheer. Initiatiefnemer Han Kammer (38) uit Annen — die zelf vooral aardappelen, uien, bieten en graan teelt en momenteel kampt met overaanbod — zegt dat samenwerking nodig is om de toenemende wet- en regelgeving en marktrisico’s het hoofd te bieden: het gaat om boeren uit het gebied tussen Anloo, Anderen, Amen, Ekehaar en Schoonloo.

De stichting onderzoekt de vorming van een werkorganisatie door en voor boeren, met als eerste doel behoud en mogelijk uitbreiding van agrarische grond in het gebied. Daarbij worden informatiesessies gehouden, loopt een landbouwstructuuronderzoek en is een ondersteuningsteam gevormd, met onder anderen projectbegeleider Evelien Kamphuis uit Wedde. Provincie Drenthe steunt het initiatief met een subsidie van 50.000 euro.

Achtergrond van het initiatief is dat de provincie recent veel landbouwgrond in de Drentsche Aa verwierf — met onduidelijke toekomstplannen. De boeren vrezen dat percelen worden omgezet in natuurgebieden of verkocht aan grotere agrarische bedrijven buiten de regio, terwijl naburige boeren mogelijk wel belangstelling hebben maar individueel geen kans zien om te kopen. Vanuit een gezamenlijke organisatie verloopt onderhandelen en ruilen van percelen volgens de initiatiefnemers soepeler; grond is emotie en banken financieren aankoop vaak niet meer, dus wordt ook gekeken naar een fonds voor financiële ondersteuning.

Daarnaast willen de boeren een stevigere rol bij natuurbeheer in eigen gebied: nu verlopen samenwerkingen vaak via andere organisaties, waardoor zij weinig zeggenschap hebben. Door grond in eigendom of onder collectief beheer te houden, kunnen percelen zodanig worden ingericht dat zowel landbouwproductie als natuurwaarde profiteren.

De beweging sluit aan bij eerdere samenwerkingen rond natuurinclusieve landbouw en speelt in op bredere problemen in de sector — zoals marktoverschotten, stikstofmaatregelen en financieringsdruk — door lokale regie en gezamenlijk optreden te vergroten.