Boer Daoud Nassar strijdt al decennia met Israël om het eigendom van zijn grond
In dit artikel:
Daoud Nassar (55) runt samen met zijn familie de educatieve boerderij Tent of Nations, een landbouwbedrijf dicht bij Bethlehem in het door Israël volledig beheerde gebied C van de Westelijke Jordaanoever. Zijn grootvader kocht het land in 1916; de familie beschikt over eigendomsbewijzen uit de Ottomaanse, Britse en Jordaanse periodes. Toch voert de familie al ruim dertig jaar een rechtszaak tegen Israël omdat hun akkers en weilanden in 1991 werden bestempeld als ‘staatsgrond’.
De zaak van de Nassars illustreert de bredere problematiek sinds 1967: Israël heeft ongeveer 130.000 hectare van de Westoever tot staatsgrond verklaard (bijna een kwart van het gebied). Uit Israëlische overheidsdocumenten blijkt dat daarvan slechts 0,7 procent aan Palestijnen is toegewezen, terwijl 38 procent naar kolonisten ging. De Israëlische regering kondigde recent aan dat al het land in gebied C – circa 60 procent van de Westoever – als staatsgrond wordt aangemerkt tenzij Palestijnen kunnen aantonen dat zij formeel eigenaar zijn. Mensenrechtenorganisaties spreken van een de facto annexatie.
De familie Nassar won in 2006 een belangrijke uitspraak van het Israëlische hooggerechtshof waarin hun eigendom werd erkend. Het daaropvolgende proces van herregistratie is echter niet afgerond: de Israëlische militair-civiele overheid blijft in beroep gaan en zet een strategie van uitstel en aanvullende bewijsvragen in. Daardoor worden zittingen vaak maanden uitgesteld. Nassar zegt dat die vertragingen zowel fysiek als financieel uitputten: meer dan 300.000 euro aan juridische kosten zijn besteed en procedures worden continu opgeschort of verplaatst.
Intussen vinden op de grond van de familie al veranderingen plaats zonder handhaving van gerechtelijke uitspraken. Onverharde wegen zijn over hun percelen aangelegd, waterreservoirs zijn vernield en olijfbomen uitgetrokken. De boerderij heeft geen aansluiting op water- of elektriciteitsnet; bouwen in gebied C vereist een Israëlische vergunning, maar minder dan 1 procent van de aanvragen wordt goedgekeurd. Kolonisten plegen intimidatie en geweld; recent verschenen er caravans van een nieuwe buitenpost direct naast het hek van de boerderij, waarmee het risico groeit dat de Nassars worden ingesloten door nederzettingen.
Internationale vrijwilligers — onder wie Nederlanders — helpen de familie door te werken op de akkers en fysieke aanwezigheid te bieden. Dat is van belang omdat onverzorgde landbouwgrond in gebied C łat tot onteigening kan leiden. Nassar benadrukt dat het conflict voor zijn familie niet alleen om grond gaat maar om identiteit en toekomst: “Het is ons leven, onze identiteit, onze geschiedenis.” Hij zegt vast te houden aan juridische middelen en weigert op te geven, ook al erkent hij de zware en lange strijd tegen bureaucratische vertraging, fysieke intimidatie en een veranderend landschapsbeleid dat Palestijns grondbezit systematisch onder druk zet.