Boeing diep in de problemen door Air Force One: 'We hadden dit contract nooit moeten tekenen'
In dit artikel:
De vervanging van de Amerikaanse presidentiële vliegtuigen is uitgegroeid tot een zware financiële tegenvaller voor Boeing. Het bedrijf tekende in 2018 onder toenmalig topman Dave Calhoun met president Donald Trump een contract ter waarde van 3,9 miljard dollar voor twee VC-25B-toestellen. Omdat die prijs vastligt, komen kostenstijgingen volledig voor rekening van de fabrikant. Door onder meer problemen bij leveranciers, personeelstekorten en aanvullende veiligheidseisen heeft Boeing inmiddels meer dan 3 miljard dollar op het project verloren. Calhoun erkende later dat het contract niet gesloten had moeten worden.
De Amerikaanse luchtmacht wacht ondertussen al jaren op de nieuwe vliegtuigen. De huidige VC-25A-toestellen zijn rond 1990 in gebruik genomen en moeilijk en duur te onderhouden doordat reserveonderdelen schaars zijn. De geplande levering verschoof van 2024 naar 2028 en is inmiddels uitgesteld tot 2029. Om verdere vertraging te beperken, verviel bovendien de mogelijkheid om tijdens de vlucht bij te tanken. Veiligheidsadviseurs vrezen dat dit de inzetbaarheid tijdens een ernstige crisis vermindert.
Als tijdelijke oplossing gebruikt de regering onder meer een veertien jaar oud toestel dat Qatar aan de Verenigde Staten schonk. Dat vliegtuig staat voorlopig aan de grond voor beveiligingsaanpassingen. Er zijn ook twijfels over de aanwezigheid van alle beschermings- en verdedigingssystemen, waaronder raketafweer. Een eerdere vliegtuigwissel van Trump werd volgens berichtgeving van The New York Times met veiligheidsredenen in verband gebracht, hoewel de regering dat aanvankelijk ontkende.
In het Congres groeit daarnaast de kritiek op de beperkte openheid over het programma. Kosten voor onder meer infrastructuur, communicatie en speciale faciliteiten hebben de totale overheidsuitgaven inmiddels boven 6,5 miljard dollar gebracht.
De Oranjezomer: Chris Woerts hekelt verandering bij Albert Heijn: 'Een miskleun, arrogantie van de marktleider!'