Olieprijs stijgt nog eens 8 procent nadat Trump zegt Straat van Hormuz te blokkeren, diesel naar 2,70 per liter
In dit artikel:
Maandag schoot de olieprijs tot ongeveer 9% omhoog, boven de 102 dollar per vat, nadat de Verenigde Staten aankondigden een blokkade van de Straat van Hormuz te hebben ingesteld. De maatregel volgt op mislukte onderhandelingen met Iran in het afgelopen weekend en richt zich vanaf maandagmiddag op schepen die Iraanse havens aandoen of daarheen varen. De zeestraat is cruciaal: circa een vijfde van de wereldwijde olie- en LNG-stromen passeert die doorgang normaal gesproken.
Als directe gevolgen stegen ook Europese gasprijzen; de Nederlandse TTF-future klom boven 50 euro per megawattuur. Raffinaderijen en handelaren zoeken koortsachtig naar beschikbare ladingen, terwijl analisten waarschuwen dat de prijs verder kan oplopen — sommige schattingen noemen niveaus van 120 dollar per vat of hoger, en er klinken zelfs scenario’s richting 140–150 dollar als de exporten stilvallen. Naar schatting kan 1,5–1,7 miljoen vaten per dag uit de markt verdwijnen; ongeveer 800 tankers liggen vast. Ook LNG-stromen naar Azië en Europa worden verstoord, wat de strijd om schaarse voorraden richting de winter kan verscherpen.
Praktische en economische consequenties stapelen zich op. Rabo Research voorspelt dat Iran binnen twee weken gedwongen kan worden de productie te staken doordat opslagfaciliteiten vol raken. De luchtvaartorganisatie ACI Europe waarschuwt dat Europa binnen drie weken kero shortages kan krijgen, wat al tot geannuleerde vluchten heeft geleid. Op de fysieke spotmarkt waren prijzen voor Noordzee-olie vorige week al extreem hoog (rond 147 dollar per vat), boven de leveringstermijnprijzen voor juni.
Bij consumenten in Nederland is de impact merkbaar: de adviesprijzen per liter zijn maandag 2,551 euro voor Euro95 en 2,696 euro voor diesel, terwijl tankstations buiten de hoofdwegen doorgaans lager liggen. De grote brandstofleveranciers passen dinsdag hun tarieven aan, met een verwachte stijging. Circa dertig landen, waaronder Nederland, halen noodvoorraden van de markt om de krapte te dempen. Onder Nederlandse werknemers zegt ongeveer 20% al hun woon-werkgedrag te hebben aangepast door hogere brandstofkosten (9% werkt vaker thuis; 10% kiest alternatieven zoals OV of carpoolen).
Economische onderzoeksinstituten waarschuwen dat aanhoudende tekorten en hogere brandstofprijzen tot bredere verstoringen in toeleveringsketens en zware economische gevolgen kunnen leiden. De combinatie van geopolitieke escalatie, knappe voorraden en stijgende prijzen creëert een situatie die snel regionale spanningen naar een wereldwijde marktcrisis kan doen overslaan.