Bijen op de TU Delft Campus
In dit artikel:
EIS Kenniscentrum Insecten voert sinds 2024 jaarlijks monitoring uit op de TU Delft Campus om te meten of beleids- en herinrichtingsmaatregelen de bijenfauna versterken. In 2024 en 2025 werden in totaal 69 bijensoorten aangetroffen, waaronder enkele schaarse soorten die typisch zijn voor open, bloemrijke graslanden. Voorbeelden zijn de klaverdikpoot, de geelstaartklaverzandbij en de weidebij; de laatste twee staan als Kwetsbaar op de Nederlandse Rode Lijst. Van de roodrandzandbij, die als Bedreigd wordt geregistreerd, werden in 2025 drie voedsters gevonden die actief stuifmeel verzamelden — een aanwijzing voor een kleine, mogelijk gevestigde populatie op de zuidcampus.
De monitoring bestrijkt acht representatieve locaties op de campus; twee eerder aangelegde biodiversiteitshotspots (een bloemenweide aan de Kluyverweg en de Natuurspeeltuin Hammenpoort) dienen als vergelijkingspunten. Op sommige plekken zijn al ingrepen gedaan, zoals het voorplein van de faculteit Bouwkunde: waar in 2024 nog een stenen plein lag met slechts drie bijensoorten, leverde de aanleg van een wadi en een 'stadsklimaatbos' in 2025 al negentien soorten op. Ook werden nieuwe bijenburchten bij de Stieltjesweg geplaatst voor grondnestelende soorten.
Deze resultaten ondersteunen TU Delft’s streven naar een CO2-neutrale, klimaatadaptieve en biodiversiteitsrijke campus in 2030 en bieden concrete, jaarlijks te volgen indicatoren om het effect van verdere vergroening te beoordelen.