Bezoekersaantallen Kinepolis dalen opnieuw met bijna 6 procent: is er nog een toekomst voor Belgische bioscopen? 

donderdag, 19 februari 2026 (10:21) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Kinepolis, de grootste Belgische bioscoopgroep, noteert opnieuw een daling van bezoekers: in 2025 kwamen in totaal 30,7 miljoen mensen naar een van de 107 vestigingen in Europa en Noord‑Amerika, bijna 6% minder dan in 2024 (32,6 miljoen). Ondanks dat de opbrengst per bezoeker steeg — tickets +2,3% en snacks & drank +3,6% — daalde de totale omzet naar 564,9 miljoen euro. België blijft het meest lucratieve land voor de keten (27% van de inkomsten), maar ook hier kromp het publiek: van 6,4 miljoen (2023) via 5,6 miljoen (2024) naar 5,15 miljoen bezoekers in 2025.

CEO Eddy Duquenne wijst op een gebrek aan grote Hollywoodreleases en het uitblijven van Vlaamse en Franstalige publieksfilms als hoofdredenen. Kinepolis’ topfilms van het jaar tonen vooral Amerikaanse en animatietitels: Lilo & Stitch, Minecraft: The Movie, Zootropolis 2, Jurassic World: Renaissance en Avatar: Fire and Ash. Met 11 vestigingen blijft Kinepolis in België een belangrijke graadmeter voor de gezondheid van de bredere sector; de keten begon ooit als een enkele zaal in Harelbeke en introduceerde het multiplexconcept in België.

De daling is onderdeel van een breder patroon sinds corona. Statbel-cijfers tonen dat Belgische bioscopen vóór de pandemie (2019) ongeveer 20 miljoen bezoekers trokken, tegenover 14,7 miljoen in 2024. Na het covid‑dieptepunt namen bezoekersaantallen tijdelijk toe, maar nu dalen ze weer. De recente dubbele faillissementen van distributeur Belga Films en bioscoop White Cinema in Brussel vormen een verontrustend signaal.

Meerdere structurele factoren liggen aan de oorsprong van de kentering. Exploderende energiekosten en stijgende loonkosten door automatische indexering drukken op exploitanten; daarnaast liggen er lokale lasten (gemeentebelastingen, parkeer- en affichageheffingen) bovenop al bestaande BTW. Volgens Thierry Laermans, secretaris‑generaal van de Federatie van Cinema’s in België, ontving de sector tijdens de pandemie slechts beperkte steun, waardoor veel bioscopen op eigen kracht moesten overleven.

Veranderend kijkgedrag en de opkomst van streamingdiensten zijn evenzeer bepalend. Tijdens covid verschoof een groot deel van het publiek naar thuisconsumptie en video‑on‑demand; illegaal streamen speelt ook een rol. Tegelijk lijken grote studio’s terug te keren naar theatrale releases, omdat een bioscoopcarrière essentieel blijft voor inkomsten en promotie. Laermans benadrukt het belang van een exclusief bioscoopvenster, omdat abonnementsmodellen lagere opbrengsten betekenen voor makers.

Een bijkomende klap was het tekort aan blockbusters door uitgestelde releases en Hollywood‑stakingen: zonder sterke titels blijft de zaal leeg. Lokale producties kunnen het verschil maken — in landen waar nationale film sterk scoort doet de sector het beter — maar successen blijven moeilijk voorspelbaar.

Veel exploitanten zetten in op beleving en hogere toegevoegde waarden: premiumstoelen, betere projectie, 4DX‑zalen en evenementen, waarvoor bezoekers een toeslag betalen. Dat verklaart waarom inkomsten minder hard dalen dan bezoekersaantallen: bioscoopbezoek wordt duurder, maar blijft volgens de sector competitief als betaalbaar avondvermaak.

Vooruitkijkend is er voorzichtig optimisme: er staat opnieuw een stroom blockbusters gepland voor 2026–2027, wat tijdelijke verlichting kan bieden. Tegelijk waarschuwt VRT NWS‑journalist Lieven Van Gils dat het traditionele bioscoopmodel wereldwijd onder structurele druk staat door streamers, Hollywood‑onzekerheid en technologische disruptie; het pre‑covidniveau van bezoekersaantallen zal mogelijk niet terugkeren. De sector zoekt dus naar een nieuw evenwicht tussen grotere beleving, prijsaanpassing en het veiligstellen van sterke titelaanlevering — nationaal én internationaal.