Bewuste onwetendheid drijft maatschappij afgrond in

donderdag, 8 januari 2026 (08:48) - Indepen

In dit artikel:

De auteur betoogt dat veel ogenschijnlijk slimme mensen lijden aan een bewuste onwetendheid—amathia—een term die hij via een post van Marcel van Silfhout opnieuw onder de aandacht brengt. Amathia, aldus terug te voeren op Socratische kritiek, is geen gebrek aan capaciteit maar een keuze om niet te willen weten: men negeert tegenbewijs, verwerpt nieuwe inzichten en houdt vast aan een voorkeursrealiteit.

Als illustratie bespreekt de tekst meerdere actuele dossiers waarin volgens de schrijver amathia doorslaggevend is geweest. Tijdens de coronacrisis werden volgens de auteur misleidende beelden en simplistische verklaringen breed geaccepteerd, terwijl experts en publiek waarschuwingen of tegengeluiden negeerden. Voorbeelden die worden genoemd: virale beelden van plotselinge instortingen, de logica achter maskereffectiviteit ten opzichte van de grootte van virusdeeltjes, inconsistenties in regels en uitzonderingen voor invloedrijken, en het idee dat vaccinatie per definitie overdracht voorkomt — een bewering die volgens de auteur al vroeg door het CBG werd getemperd. De schrijver gebruikt deze voorbeelden om te laten zien hoe mensen feiten terzijde schuiven om een coherent narratief in stand te houden.

De klimaatdiscussie vormt een tweede casus. De auteur wijst op gemiste voorspellingen, tegenstrijdig gedrag van elites (zoals het kopen van kustvilla’s terwijl men catastrofes predikt) en de semantische verschuiving van ‘opwarming’ naar ‘verandering’, die alle weersomstandigheden als bewijs kan laten gelden. Het voorbeeld van beleidsgeld dat volgens de schrijver praktisch geen meetbare temperatuureffecten heeft, wordt aangehaald om te illustreren dat beleid vaak disproportioneel en ineffectief is, maar desalniettemin met fervor wordt verdedigd.

Verder noemt de tekst migratie en de energietransitie als domeinen waar amathia volgens de auteur maatschappelijke schade veroorzaakt. Naar aanleiding van migratiepolitiek signaleert hij dat massale toestroom van jonge mannelijke asielzoekers ontwrichting voorspelt, maar dat dit niet tot kritische bijstelling van beleid leidt. Met betrekking tot de energietransitie wijst hij op voorstudies die waarschuwden voor netinstabiliteit en tekorten door snelle elektrificatie en afhankelijkheid van zon en wind; de huidige problemen en voorlichtingscampagnes over mogelijke stroomtekorten worden als bewijs gezien dat die waarschuwingen terecht waren.

Het zwaarste verwijt richt zich op de mainstreammedia, die volgens de auteur de ernstigste vorm van amathia tentoonspreiden door selectieve berichtgeving, censuur van afwijkende stemmen en het reproduceren van officiële narratieven. Dit gedrag zou de publieke verontwaardiging en kritische controle ondermijnen en zo propaganda in de hand werken.

De conclusie luidt dat amathia een volksziekte is: zolang verkondigers van dogma’s niet zelf de gevolgen ondervinden, blijven zij en hun volgers doorgaan. Wanneer de waarheid hen uiteindelijk raakt, verandert het weinigen: dan spreekt de auteur van hypocrisie.