Bewoners Parc Sandur in Emmen voelen zich 'belazerd' over mogelijke woningbouwplannen
In dit artikel:
Een groep van circa zestig omwonenden van Parc Sandur in Emmen, vertegenwoordigd door Bert Mensinga en Dave van Wingerde, verzet zich tegen de manier waarop plannen voor een braakliggend terrein worden behandeld. Volgens het huidige bestemmingsplan is op die plek al jarenlang een seizoenscamping toegestaan, maar de grondeigenaren (De Groot, Buter en Fühler) onderzoeken samen met vastgoedondernemers Jaap ten Hoor en Herman Idema ook alternatieven zoals woningbouw en recreatiehuisjes. Op 14 maart konden buurtbewoners hun voorkeur kenbaar maken; een analyse van die reacties, die vorige week is gepresenteerd, concludeerde dat woningbouw de meeste steun kreeg.
De vertegenwoordigers van omwonenden betwijfelen de representativiteit en de werkwijze van dat proces. Ze zeggen zich overvallen te voelen omdat zij vinden dat de discussie ineens ook over woningbouw en vakantiewoningen moet gaan terwijl de campingbestemming al jarenlang vastligt. Kritiek is er ook op de stemprocedure tijdens de bijeenkomst: volgens Mensinga was het niet mogelijk om je te onthouden, waardoor volgens hen niet aangetoond kan worden dat een meerderheid vóór woningbouw is. Daarnaast storen zij zich aan dat Idema hen wegzet als een “schreeuwende minderheid”; zij vinden deze toon respectloos tegenover directe buren van het terrein.
De bewoners pleiten voor meer betrokkenheid en normaal overleg, en zien onvoldoende onderzoek naar andere opties zoals het bewaren van het groene karakter of grondruil om de plannen elders te realiseren. Hun zorgen omvatten verlies van natuur en rust rond de Rietplas, extra verkeersdrukte, mogelijke waardedaling van woningen en de kans op hoogbouw. Hoewel de campingbestemming al lang bestaat, is samenwerking met lokale politiekants geprobeerd, maar die reageerde volgens Mensinga en Van Wingerde passief: partijen wezen op het ontbreken van een formele aanvraag.
Als gevolg overwegen de omwonenden vervolgacties, waaronder contact met de provincie, en beloven ze bij een eventuele aanvraag een stevige reactie. Het vertrouwen in de besluitvorming is volgens hen beschadigd.