Bewegingswetenschapper geeft hardloopadvies: 'Recreatieve lopers gaan vaak op de limiet'

vrijdag, 20 maart 2026 (14:31) - Het Parool

In dit artikel:

Bijna een miljoen Nederlanders loopt wekelijks hard, maar de keerzijde is groot: ongeveer de helft krijgt jaarlijks een blessure. Bewegingswetenschapper en topatleet Bas Van Hooren, zelf halve‑marathonloper limiet van 1:02, richt zijn onderzoek op hoe hardlopers blessures kunnen voorkomen. Zijn aanpak combineert labonderzoek, sensortechnologie en praktische adviezen voor recreanten en gevorderden.

Van Hooren legt uit dat de meeste blessures voortkomen uit overbelasting: hart, longen en spieren passen zich relatief snel aan, pezen en botten hebben veel langer nodig om sterker te worden omdat ze slechter doorbloed zijn. Ter illustratie: bij iedere pas krijgt de achillespees ongeveer zeven keer je lichaamsgewicht te verduren; bij tienduizend passen loopt die belasting snel in de miljoenen kilo’s. Ook niet‑loopactiviteit (zoals verhuizen), psychische stress en te veel trainen op het randje verhogen het risico. Volgens Van Hooren: "Rust is heel belangrijk."

In zijn onderzoek gebruikte Van Hooren 3D‑bewegingsanalyse en drukmeetende zooltjes om de belastingen op voet, knie, scheenbeen en achillespees te kwantificeren. Met die data ontwikkelde hij een app die weefselbelasting schat. In een veldexperiment kregen 220 lopers de zooltjes en app; de helft kreeg daarnaast gericht advies (bijv. kortere pas bij knieklachten). Resultaat: de groep met feedback raakte ongeveer half zo vaak geblesseerd als de groep zonder advies. De technologie wordt verder getest voor opschaling.

Praktische conclusies en tips uit zijn werk:
- Train niet constant op de limiet; plan rust en herstel. Topatleten doen maar enkele harde tempo‑sessies per week.
- Verminder blessurerisico door belasting te doseren — ook andere activiteiten en stress tellen mee.
- Paslengte en cadans: recreanten maken vaak te lange passen en landen nadrukkelijk op de hak. Kortere passen en een iets hogere pasfrequentie verlagen de belasting; dit kun je oefenen met muziek of apps die op beats per minute lopen.
- Voetlanding: er is geen Universeel betere techniek. Voorvoetlanding belast eerder achilles en voet, haklanding belast knie en scheenbeen. Een lichte haklanding met snelle afwikkeling is een praktische aanbeveling.
- Schoenen: Van Hooren adviseert schoenen boven blootvoets lopen; de schoen werkt als een veer en beperkt het blessurerisico.
- Rekken en cooling‑down: bewijskracht ontbreekt voor blessurepreventie of prestatieverbetering; bij zeer zware inspanning kan kort uitlopen helpen tegen duizeligheid, maar op lange termijn zijn effecten klein.

Voor absolute beginners raadt hij aan langzaam te starten: eerst wandelen van een halfuur en daar twee korte lopende stukjes van één minuut in verwerken, twee‑tot‑drie keer per week; opbouwen naar langere loopblokken na enkele weken en de eerste maand zeker niet pushen. Hij wijst erop dat beginnen op latere leeftijd prima kan; hij testte zestigplussers en zeventigers die pas na hun veertigste startten en succesvol bleven.

Kortom: voorkomen van hardloopblessures vraagt inzicht in totale belasting, gerichte aanpassing van techniek en tempo, voldoende rust en—waar mogelijk—gebruik van meetinstrumenten en feedback om risicovolle patronen te herkennen.