Bevolkingsprognose: vanaf nu meer ouderen dan jongeren
In dit artikel:
Het CBS verwacht dat de Nederlandse bevolking de komende decennia verder groeit en dat 2025 het eerste jaar is waarin er meer 65-plussers zijn dan jongeren tot 20 jaar. Begin 2025 telde Nederland ongeveer 3,76 miljoen 65-plussers tegenover 3,72 miljoen mensen onder de 20. Voor 2070 voorspelt de Kernprognose 2025–2070 5,4 miljoen 65-plussers en 4,1 miljoen jongeren tot 20 jaar.
De vergrijzing toont zich vooral bij de alleroudsten: het aantal 80-plussers groeit van circa 0,9 miljoen in 2025 naar naar verwachting 2,1 miljoen in 2070. De groep 20–65‑jarigen vormt nu ruim 59 procent van de bevolking; dat aandeel daalt naar circa 55 procent rond 2040. Het absolute aantal werkenden blijft tot 2040 grofweg stabiel op ongeveer 10,6 miljoen en stijgt daarna geleidelijk naar circa 11,1 miljoen in 2070.
De bevolkingsaanwas komt dit jaar op naar schatting 95 duizend personen, iets minder dan in 2024. De recente groei werd vooral door migratie gedreven: er kwamen de laatste jaren aanzienlijk meer immigranten dan emigranten. Voor de komende jaren rekent het CBS op een geleidelijke afname van het migratiesaldo — van ruim boven 100 duizend de afgelopen jaren naar ongeveer 88 duizend in 2026 en 70 duizend in 2030 — omdat immigratie iets afneemt en meer nieuwkomers na enkele jaren weer vertrekken.
Geboortecijfers liggen tussen 2022 en 2025 rond 166 duizend per jaar, maar zullen naar verwachting toenemen tot circa 198 duizend in 2038 door meer vrouwen in vruchtbare leeftijd en later moeder worden. Het aantal sterfgevallen blijft kortetermijns stabiel op rond 172 duizend, maar stijgt na 2026 geleidelijk waardoor de bevolkingsgroei vertraagt.
De prognose plaatst de Nederlandse bevolking in 2070 op ongeveer 20,6 miljoen inwoners, met een onzekerheidsmarge van ongeveer 17,5 tot 23,9 miljoen. Deze jaarlijke bijstelling van het CBS bevat korte‑termijnaanpassingen ten opzichte van 2024: iets hogere sterfte, lagere immigratie en hogere emigratie, wat de 2070‑verwachting met circa 70 duizend naar beneden bijstelt. Grote onzekerheden blijven migratiestromen, toekomstige levensverwachting en vruchtbaarheid — factoren die gevolgen hebben voor arbeidsmarkt, zorgvraag en pensioenstelsel.