Bespioneren relschoppers door politie is onwettig, waarschuwt privacywaakhond
In dit artikel:
De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) stelt in een vrijdag naar de Tweede Kamer gestuurd rapport dat het speciale-inlichtingenteam van de politie, het Team Openbare Orde Inlichtingen (TOOI), zonder degelijke wettelijke basis werkt en daarmee te diep inbreuk maakt op de privacy van burgers. Het team verzamelt in het geheim gegevens om rellen en escalerende demonstraties te voorspellen, onder meer via burgerinformanten uit de omgeving van verdachten. Volgens de AP gaat die praktijk verder dan een wettelijk toegestane ‘geringe inbreuk’: medewerkers bouwen langdurige dossiers op die ook bijzondere persoonsgegevens omvatten, zoals gezondheid, religie, politieke voorkeur en seksuele geaardheid, met een reëel risico op discriminatie en uitsluiting.
AP-voorzitter Aleid Wolfsen waarschuwt dat deze werkwijze de rechtsstaat en fundamentele vrijheden aantast: mensen kunnen terughoudender worden in demonstreren of het uiten van hun mening uit angst gevolgd te worden. Daarnaast is de bestuurlijke sturing onduidelijk; formeel valt het werk onder het gezag van de burgemeester, maar in de praktijk is vaak onduidelijk welke burgemeester verantwoordelijk is, waardoor gemeentebesturen en gemeenteraden hun controlefunctie niet goed kunnen uitoefenen.
De AP roept de Tweede Kamer op om een stevig debat te voeren: als politiek en samenleving dit type inlichtingenwerk noodzakelijk vinden, moet de wet nauwkeurig worden vastgelegd; ontbreekt die steun, dan moet de politie ermee stoppen. De toezichthouder kondigt aan scherp te blijven toezien en zonodig in te grijpen. Eerder deze week bekritiseerde de AP ook al het ongeoorloofd inzien van politiedossiers door circa 1.700 medewerkers in de zaak rond de dood van de 17‑jarige Lisa.