Berthold Gunster (Omdenken) stopte met een goede zoon te zijn: de relatie met zijn moeder knapte ervan op

woensdag, 13 mei 2026 (18:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Berthold Gunster, bedenker van Omdenken, wil mensen helpen het leven lichter te nemen door verwachtingen te versmallen en realiteit te accepteren. Zijn idee ontstond deels uit persoonlijke ervaringen: een ernstig auto-ongeval op zesjarige leeftijd leerde hem stilhouden en accepteren, en decennia later—rond zijn vijftigste—brak een inzicht door na een confrontatie met zijn vrouw over zijn relatie met zijn koelere moeder. Hij stopte met het eindeloos proberen een “goede zoon” te zijn; dat veranderde de dynamiek en normaliseerde de verstandhouding, zonder dat alle problemen verdwenen.

Gunster publiceerde in 2005 een boek over een “ja”-houding ten opzichte van onontkoombare feiten, en introduceerde in 2008 de term omdenken—een begrip dat inmiddels ook in het woordenboek staat en leidde tot een bedrijf dat veel mensen bereikt. Kern van omdenken is geen oppervlakkig positivisme maar actieve berusting: eerst accepteren wat niet te veranderen is (verlies, pijn, teleurstelling), vervolgens zoeken naar wat wél mogelijk is. Daardoor verschilt het van maakbaarheidsdenken en van passieve religieuze berusting; het is geen recept voor alles oplossen, maar een manier om minder leed te creëren door verwachtingen bij te stellen.

Gunster bekritiseert de hedendaagse nadruk op individualisme en maakbaarheid, die mensen doet geloven dat falen hun persoonlijke gebrek is. Veel normale menselijke reacties op tegenslag worden daardoor gepathologiseerd en te snel naar professionele hulp gestuurd. Volgens hem hebben mensen vaker geen psychiater of therapeut nodig maar echte medemensen: een luisterende vriend, partner of familielid die het verdriet deelt. Hij verwijst daarbij naar collega-denkers als Dirk de Wachter en pleit voor sociaal draagvlak in plaats van steeds meer individuele hulpverlening.

Als praktisch antwoord op het verlies aan collectiviteit begon zijn organisatie met gratis Omdenk-kringen: kleine groepen van zes tot tien onbekenden die elkaar zonder professionele bemoeienis en zonder hiërarchie ondersteunen. Die openheid en wederkerigheid bevorderen volgens Gunster eerlijkere uitwisseling en durf om echt te spreken over problemen. Hij ziet dit als een soort tegenhanger van zelfhulpboeken en noemde zijn nieuwe werk een ‘onshulpboek’—een pleidooi voor samen dragen van leed.

In zijn podcast- en interviewwerk vertelt Gunster veel persoonlijke ontmoetingen die de methode illustreren: van ouders die het verlies van een kind verwerken tot een man met zware lichamelijke beperkingen (Dave) die wanhopig was. Deze gesprekken benadrukken dat het meest helpende vaak niet een advies is, maar het geduldig aanwezig zijn en erkenning geven voor uitzichtloosheid; juist dat gedeelde “niet-weten” kan verbinding en verlichting brengen.

Gunster erkent ook menselijke zwakheden: hij noemt zich zelf ijdel maar leert die te erkennen en daarmee te laten bezinken in plaats van ertegen te vechten. Zijn boodschap is praktisch en sociaal: accepteer wat je niet kunt veranderen, kijk vervolgens waar je wél invloed op hebt, en zoek steun bij anderen in plaats van alles op jezelf te nemen of direct naar professionals te rennen. Omdenken wil zo zowel individuen als gemeenschappen helpen beter om te gaan met teleurstelling en rouw, en het terugwinnen van collectieve draagkracht te stimuleren.