Beleggers in New York schrikken van stijging producentenprijzen
In dit artikel:
De aandelenmarkten in New York openden woensdag overwegend lager nadat beleggers reageerden op stevig oplopende producentenprijzen. De Amerikaanse PPI steeg in april met 6 procent op jaarbasis, tegen 4 procent in maart — de grootste toename sinds 2022 en meer dan verwacht — wat zorgen over aanwakkerende inflatie en mogelijke druk op rentebeleid aanwakkerde. De oorlog in het Midden-Oosten heeft de energieprijzen opgedreven, waardoor fabrikanten hogere verkoopprijzen doorberekenen.
Kort na openingsbel noteerde de Dow Jones 0,4 procent lager op 49.526 punten, de S&P 500 zakte 0,1 procent tot 7.392 punten en de Nasdaq won licht, 0,1 procent, tot 26.120 punten. Eerder in de voorbeurs stonden de indexen nog op winst; ook dinsdag waren er vooral verliezen na een hoger dan verwacht inflatiecijfer.
Op bedrijfsnieuws viel Nvidia op met een plus van 1,3 procent; topman Jensen Huang zal mee met president Trump tijdens diens staatsbezoek aan China, ondanks eerdere afwezigheid. Het concern heeft te maken gehad met Amerikaanse exportbeperkingen en terughoudendheid vanuit China, maar ziet tegelijk potentieel voor ongeveer 50 miljard dollar extra omzet in die markt. Alibaba steeg 3 procent na kwartaalcijfers. In de mijnbouw kondigde Equinox Gold een overname van Orla Mining aan ter waarde van 5,1 miljard dollar in aandelen en contanten; beide aandelen stonden onder druk (Equinox -4,5%, Orla -2,3%).
De Oranjezomer: Hélène Hendriks: ‘Hij gaat binnenkort zijn debuut maken bij Vandaag Inside!'