Begin mei vraag ik me altijd af: zou ik dapper geweest zijn in de oorlog?
In dit artikel:
Ik ben uit de seventies; mijn ouders waren kinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog en mijn grootouders leefden in angst maar hielpen waar ze konden. Als psychiater vraag ik me elk jaar rond vier mei af of ik in hun tijd dapper genoeg zou zijn geweest — niet alleen in algemene verzetsdaden, maar vooral of ik pal zou hebben gestaan voor psychiatrische patiënten, de allerkwetsbaarsten.
Tijdens de bezetting waren naast Joden, zigeuners en homo’s ook mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen doelwit. Zij werden verpleegd in grote instellingen aan de duinrand of in bosrijke gebieden, met namen als Vogelenzang, Duin en Bosch, het Apeldoornsche Bosch en Dennenoord. Zonder moderne medicatie kregen patiënten onderdak, werk en soms dwangmiddelen; psychiaters en hun gezinnen woonden vaak op het terrein. Toen het naziregime begon met ontruimingen en deportaties, zette hoogleraar Lodewijk van der Horst zich actief in: hij confronteerde Nederlandse ambtenaren, Duitse SS’ers en de Rijksinspectie voor de Volksgezondheid en betoogde tegen het wegvoeren van deze extra kwetsbaren. Zijn protest veranderde het beleid niet.
In de nacht van 21 op 22 januari 1943 werd Het Apeldoornsche Bosch leeggehaald; meer dan 1.200 veelal Joodse patiënten werden naar Auschwitz getransporteerd. Velen stierven onderweg, werden bij aankomst doodgeschoten of in massagraven geworpen. Personeel vluchtte deels; wie bleef werd soms zelf weggevoerd, inclusief inwonende familieleden en drie baby’s. Naar schatting overleden tijdens de oorlog vier- tot vijfduizend ernstig zieke psychiatrische patiënten door geweld, honger, evacuaties en overbevolking.
Van der Horst overleefde en schreef over medische ethiek; zijn werk hielp het morele bewustzijn in de geneeskunde vormen. De auteur besluit met een pleidooi: ook al hoefde onze generatie deze keuze niet te maken, er zijn altijd momenten om de kwetsbaren te beschermen. Op 4 mei herdenkt hij de vermoorde psychiatrische patiënten en degenen die voor hen opkwamen, zodat zij niet vergeten worden.