BBB-gedeputeerde stapt op. Waren wij daarop uit? | Dit vindt de hoofdredactie
In dit artikel:
Verslaggever Martin Messing van Dagblad van het Noorden (DVHN) stond recent centraal in het debat rond het aftreden van Drentse BBB-gedeputeerde Gert‑Jan Schuinder. Messing onthulde dat Schuinder zich zonder overleg actief had bemoeid met de stikstofvergunning van een boerderij in Vledderveen, ambtelijke lijnen negeerde en taken van een collega — partijgenoot Egbert van Dijk — overschreed. Van Dijk stapte al in december vorig jaar op; Schuinder trad deze week af nadat de kwestie aan het licht kwam.
De publicatie kwam voort uit een toevallige, maar waardevolle tip die Messing kreeg terwijl hij voor een ander onderwerp op pad was. Hij verdiept zich in het proces: sprak met meerdere betrokkenen, bracht relevante stukken naar boven en hield zich volgens de redactie aan feiten zonder te speculeren of persoonlijke aanvallen te voeren. De redactie benadrukt dat het doel niet is om een “scalp” te vergaren, maar machtsmisbruik en ongepast bestuurlijk handelen aan het licht te brengen zodat Provinciale Staten maatregelen kunnen nemen — wat in dit geval ook gebeurde.
Tijdens het statendebat kwam naar voren dat Schuinders handelswijze nog ernstiger was dan aanvankelijk beschreven: hij handelde volgens getuigen zeer eigenzinnig en leek onvoldoende besef te hebben van de verantwoordelijkheden van zijn functie. Provinciale Staten kondigden ook een onderzoek aan naar mogelijke lekken richting de pers; dat gebeurt vaker bij gevoelige dossiers, maar levert zelden concrete resultaten op. Messing zal zijn bronnen niet prijsgeven, uit bescherming en uit journalistieke gewoonte.
De redactionele reactie onderstreept de rol van de regionale pers: controleren van de macht en het publiceren van onthullingen op basis van verifieerbare feiten. De kwestie rond Schuinder toont hoe individuele bestuurlijke keuzes kunnen botsen met procedures en collegiaal bestuur, en waarom onafhankelijke verslaggeving daar een rol bij speelt.