Bangladesh naar de stembus: christen vreest moslimradicalen
In dit artikel:
Donderdag stemmen de ongeveer 177 miljoen inwoners van Bangladesh voor een nieuw parlement, in een verkiezing die plaatsvindt tegen de achtergrond van een heftige machtsverschuiving en verscherpte religieuze spanningen. In augustus 2024 vielen massale studentenprotesten en het gewelddadige politieoptreden daarop samen met de val van premier Sheikh Hasina. De onderdrukking van de demonstraties zou aan zo’n 1.400 mensen het leven hebben gekost; Hasina vluchtte naar India en werd bij verstek door rechters in Dhaka ter dood veroordeeld. Sindsdien leidt de Nobelprijswinnaar Muhammad Yunus tijdelijk het land.
Het politieke speelveld is veranderd: Hasina’s partij Awami League is uitgesloten van deelname, waardoor de strijd vooral lijkt te gaan tussen de BNP (Nationale Partij) en een islamistische alliantie rond Jamaat‑e‑Islami. Peilingen geven de BNP een kleine voorsprong, maar veel kiezers zijn nog onbeslist. Economische zorgen — vooral sterke prijsstijgingen, onder meer voor rijst — domineren het publieke debat en vergroten de onzekerheid.
Voor de christelijke minderheid (circa 0,5% van de bevolking) zijn de verkiezingen extra beladen. De predikant ds. Molenaar, die het land goed kent en recent terugkeerde, schetst voorbeelden van intimidatie: een christelijke locoburgemeester maakte in augustus 2024 een gewelddadige overval mee waarbij een collega levensgevaarlijk werd verwond en in brand gestoken; ambtenaren voorkwamen dat de viceburgemeester hetzelfde overkwam, maar zij leeft sindsdien in de luwte. In sommige dorpen is de kerkgang drastisch gedaald; waar vroeger tientallen mensen bijeenkwamen, verschijnen nu nog enkelen. Aanhangers van Jamaat‑e‑Islami zouden soms intimiderend bezoek brengen.
Tegelijk is de situatie niet uniform: in Dhaka worden nog grootschalige, openbare religieuze bijeenkomsten voorbereid en religieuze vrijheid staat formeel in de wet. Ds. Molenaar benadrukt de veerkracht van veel kerkgemeenschappen — zij bidden en trekken troost uit hun geloof, en meldden afgelopen jaar ook enkele doopbewegingen onder voormalige hindoes en moslims.
Molenaar signaleert daarnaast een maatschappelijke tweedeling over Yunus: internationaal gerespecteerd, maar in eigen land door sommigen gezien als onbetrouwbaar, mede omdat infrastructuurprojecten onder Hasina snel vorderden en na haar vertrek deels stokten. De verkiezingen van donderdag bepalen wie het land verder bestuurt — en dus ook hoe veilig en zichtbaar kleine religieuze groepen zich de komende jaren zullen voelen.