Avondklok in meerdere Franse steden: 'Als je 15 jaar bent, heb je niets op straat te zoeken rond middernacht'

dinsdag, 22 juli 2025 (16:18) - Algemeen Dagblad

In dit artikel:

Meerdere Franse steden, waaronder Nîmes, Villecresnes, Saint-Ouen, Béziers, Triel-sur-Seine en Dourdan, hebben een avondklok ingesteld voor jongeren onder de 16 jaar, om jeugdcriminaliteit en overlast tijdens de zomermaanden tegen te gaan. Deze maatregel geldt doorgaans tussen 21.00 en 06.00 uur en is deels geïnspireerd door een richtlijn van minister van Justitie Gérald Darmanin, die aandringt op strengere aanpak en preventie door jongeren ‘van de straat te halen’.

De aanleiding is onder andere een reeks gewelddadige incidenten in wijken met levendige drugshandel en rivaliserende bendes, zoals in Nîmes, waar onlangs een 19-jarige jongen, Yanis, op brute wijze werd vermoord en verbrand. Ook zijn schietpartijen onder minderjarigen geen uitzonderingen: in 2023 werd in dezelfde wijk een 10-jarige jongen getroffen door een verdwaalde kogel. Dit geweld maakte dat de lokale autoriteiten de situatie als ‘terreur’ omschrijven en strenge maatregelen nemen om bewoners en winkeliers te beschermen.

Toch heerst verdeeldheid over de effectiviteit van de avondklok. Sommige burgemeesters benadrukken dat de overlast vaak seizoensgebonden is en voortkomt uit verveling en hitte onder jongeren in arme wijken. Anderen wijzen op het gebrek aan voldoende politiecapaciteit om de avondklok daadwerkelijk te handhaven, waardoor de maatregel weinig impact heeft. Zo leidde een avondklok in Limoges niet tot onderdrukking van onlusten door een tekort aan handhavers. Politie en vakbonden waarschuwen bovendien dat een avondklok geen structurele oplossing is tegen diepgewortelde problemen als drugshandel en gewelddadige bendeactiviteiten.

Sommige gemeenten proberen de situatie ook met andere maatregelen te verbeteren; Villecresnes schakelde bijvoorbeeld ’s nachts de straatverlichting uit in de hoop de rust te bevorderen, een initiatief dat gemengd ontvangen wordt. Over het geheel genomen blijft het een lastige balans tussen preventie, handhaving en het aanpakken van onderliggende sociale problematiek.