Autisten werden niet heel lang geleden nog als minder dan menselijk gezien, toont Niels Springveld

woensdag, 1 juli 2026 (12:15) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Historicus en auteur Niels Springveld onderzoekt in *Autisme: Een biografie* hoe de kijk op autisme in ruim een eeuw ingrijpend is veranderd: van een verschijnsel dat begin twintigste eeuw nog binnen de psychiatrie werd geplaatst als onderdeel van schizofrenie, tot een breed erkende neurobiologische variatie waarvoor inmiddels meer aandacht is voor inclusie en levenskwaliteit. Springveld verweeft die geschiedenis met persoonlijke ervaring: hij beschrijft hoe hij zelf als kind en jongvolwassene worstelde met drukte, somberheid en overprikkeling, en hoe juist het uitzoeken van autisme hem hielp zijn eigen diagnose beter te begrijpen.

Het boek volgt de ontwikkeling van het denken over autisme via sleutelfiguren als Eugen Bleuler, Leo Kanner en Hans Asperger, maar laat ook zien hoe ouders, onderzoekers en activisten elkaar beïnvloedden. Vooral de hardnekkige, schadelijke gedachte dat ouders — en vooral moeders — autisme zouden veroorzaken, krijgt veel aandacht. Springveld laat zien hoe ouderverenigingen in de jaren zestig en zeventig zich tegen die schuldvraag keerden, terwijl instellingen tegelijk vaak nog met harde, soms ronduit wrede behandelmethoden werkten, van elektroshocks tot uithongering en lobotomie.

Vanaf de jaren negentig veranderde het beeld snel door ruimere diagnostiek, bekendere screenings en de opkomst van autobiografieën van autistische mensen zelf. Ook internet en het neurodiversiteitsdenken gaven autisten meer stem. Toch waarschuwt Springveld dat vooruitgang kwetsbaar blijft: autisme wordt nog vaak verkeerd voorgesteld in de populaire cultuur, en nieuwe politieke uitspraken over vermeende oorzaken kunnen oude stigmata zomaar nieuw leven inblazen.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Victor Vlam: 'Het zou te gek voor woorden zijn als dat geluid niet meer te horen is bij de NPO'