AOW'er moet €10.194,22 terugbetalen na niet gemeld huwelijk: rechtbank geeft SVB gelijk, ook al zou de gemeente het doorgeven
In dit artikel:
Een AOW-gerechtigde man die in 2022 in het buitenland trouwde, moet €10.194,22 aan te veel ontvangen AOW terugbetalen. De Rechtbank Den Haag stelde de Sociale Verzekeringsbank (SVB) op 22 oktober 2026 in het gelijk. Dat de man niet wilde frauderen en dacht dat de gemeente zijn huwelijk zou doorgeven, veranderde daar niets aan.
De man ontving sinds 2011 een AOW-uitkering voor een alleenstaande. Na zijn huwelijk bleef zijn partner aanvankelijk in het buitenland wonen en kwam zij pas op 28 april 2023 naar Nederland. De man meldde het huwelijk op 14 mei 2024 bij de gemeente. De SVB kreeg die informatie op 28 mei en herzag vervolgens zijn uitkering met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2023. Hij had daardoor ruim een jaar een te hoge uitkering ontvangen.
Volgens de rechtbank moest hij zelf binnen vier weken aan de SVB melden dat hij ging trouwen. Die verplichting stond al in de bijlage bij zijn AOW-besluit uit 2011. Een melding bij de gemeente of de Immigratie- en Naturalisatiedienst volstaat niet. Voor huwelijken die in Nederland worden gesloten, ontvangt de SVB de gegevens doorgaans via de gemeente. Een huwelijk in het buitenland en samenwonen moeten AOW-gerechtigden zelf doorgeven.
Een volledige AOW voor alleenstaanden bedraagt sinds 1 juli 2026 €1.662,16 bruto per maand. Na trouwen of samenwonen wordt dat €1.139,39 per maand. Het verschil is €522,77 per maand per persoon, exclusief vakantiegeld. Een geregistreerd partnerschap en een gezamenlijke huishouding zonder huwelijk gelden hierbij eveneens als een gehuwde situatie.
De SVB zag geen dringende reden om van herziening of terugvordering af te zien. Omdat de man geen opzet of grove schuld had, bleef de terugwerkende kracht volgens de regels beperkt tot maximaal vijf jaar; in zijn geval ging het om ruim één jaar. De SVB kan een terugbetaling in termijnen toestaan en onder voorwaarden na langdurige aflossing een restant laten vervallen. Ook kan een boete worden opgelegd, al gebeurde dat in deze zaak niet.
Wie het niet eens is met een besluit van de SVB kan binnen zes weken bezwaar maken. De uitspraak kan bovendien binnen zes weken na verzending worden aangevochten bij de Centrale Raad van Beroep. De regels over terugvordering en boetes zullen veranderen door de nieuwe Wet handhaving sociale zekerheid; de ingangsdatum is nog niet vastgesteld.
Vandaag Inside: Clash tussen Joost Sneller (D66) en Martin Bosma (PVV): 'En dan krijg ik zo'n boze jij-bak terug!'