AOW-leeftijd verhogen is pikant, maar coalitie-Jetten is 'zeker niet revolutionair'
In dit artikel:
D66, VVD en CDA presenteren een coalitieakkoord dat stevige bezuinigingen mogelijk moet maken om twee grote uitgavenposten te financieren: circa 20 miljard euro voor het aanpakken van het stikstofprobleem en oplopende defensie-uitgaven vanwege NAVO-verplichtingen (van ruim 2 miljard in 2027 naar meer dan 19 miljard per jaar vanaf 2035). Het akkoord, gepresenteerd vrijdag, ziet stikstof als rem op landbouw, woningbouw, natuur en economie en noemt versterking van de NAVO cruciaal voor collectieve veiligheid.
Om deze extra uitgaven te dekken worden vooral zorg en sociale zekerheid aangesneden. Belangrijke maatregelen zijn:
- Verkorting van de maximale WW-duur tot twaalf maanden (besparing na 2030: ~1,3 miljard euro per jaar).
- Verhoging van het eigen risico in de zorg van €385 naar €460 (besparing na 2030: ~4,8 miljard per jaar), met compensatie in de vorm van €350 miljoen per jaar voor chronisch zieken en een grens van maximaal €150 eigen risico per behandeling.
- Koppeling van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting vanaf 2033, wat structureel ongeveer €2,8 miljard per jaar moet besparen. Eerder (vanaf 2019) werd die koppeling voor twee derde toegepast; nu wordt de verhouding tussen werk- en pensioenjaren anders vastgelegd.
Economen reageren terughoudend. Casper van Ewijk (emeritus Tilburg) vindt de titel "Aan de slag" passend voor de aandacht voor defensie en stikstof, maar ziet weinig revolutionaire hervormingen: de hypotheekrenteaftrek blijft ongemoeid, rekeningrijden ontbreekt en er is te weinig aandacht voor pensioenen voor zelfstandigen. Marco Varkevisser (gezondheidseconoom, Erasmus) noemt ingrepen in de zorg onvermijdelijk en prijst het per-behandeling maximum als een slimme maatregel die hoge eenmalige betaling bij ziekenhuisbezoek voorkomt. Bas Jacobs (VU) wijst erop dat de zogenaamde "vrijheidsbijdrage" vooral hogere middeninkomens raakt doordat meer inkomen in hogere schijven valt, en noemt het een bewuste rechts-politieke keuze om defensie via zorg- en sociale uitgaven te financieren.
Politiek ligt uitvoering moeilijk. Het kabinet is een minderheidskabinet en moet voor elke maatregel steun zoeken in de Tweede Kamer; vanwege de keuze om links te treffen met bezuinigingen en rechts-populistisch gekant te zijn tegen verhoging van het eigen risico of later stoppen met werken, voorspellen experts dat het lastig wordt om voldoende parlementaire steun te verkrijgen. Tegelijk zijn er onderdelen die voortbouwen op vorige kabinetten (zoals het stikstoffonds) en worden sommige eerdere bezuinigingen op onderwijs deels teruggedraaid. Kortom: substantiële financiële keuzes met mogelijk grote maatschappelijke consequenties, maar met onzekerheid over politieke haalbaarheid.