AOW en kleine pensioenen zonder aangiftebrief: waarom je in 2026 nog over 2021 tot en met 2025 belasting kunt terugvragen
In dit artikel:
Wie naast de AOW een klein aanvullend pensioen ontvangt, krijgt niet altijd een aangiftebrief van de Belastingdienst. Toch kan zelf aangifte doen lonen. De SVB past de loonheffingskorting meestal toe op de AOW, terwijl pensioenfondsen op aanvullende pensioenen belasting inhouden. Omdat de AOW-uitkering op zichzelf vaak te laag is om alle heffingskortingen te benutten, blijft een deel daarvan ongebruikt. Die korting wordt niet automatisch verrekend met de belasting op het aanvullende pensioen.
Bij meerdere uitkeringen mag de loonheffingskorting maar bij één uitbetaler worden toegepast. Voor AOW-gerechtigden is dat vaak de SVB. In 2026 kunnen de algemene heffingskorting en ouderenkorting voor een samenwonende AOW’er samen maximaal €3.623 bedragen. Voor een alleenstaande komt daar de alleenstaandeouderenkorting van €540 bij, waarmee het totaal op maximaal €4.163 uitkomt. De uiteindelijke korting hangt af van het verzamelinkomen en neemt bij hogere inkomens af.
Een voorbeeld maakt het verschil duidelijk. Een samenwonende AOW’er ontvangt €14.000 AOW en €4.000 aan kleine aanvullende pensioenen. De SVB houdt op de AOW geen loonbelasting in, maar gebruikt daarvoor wel €2.499 van de totale heffingskorting van €3.623. De pensioenfondsen houden vervolgens €714 belasting in op de aanvullende pensioenen. Bij de jaarlijkse aangifte worden alle inkomsten samengevoegd. Daardoor kan de resterende heffingskorting alsnog worden verrekend en krijgt de betrokkene in dit voorbeeld €714 terug. Ingehouden inkomensafhankelijke bijdragen voor de zorgverzekering worden hiermee niet terugbetaald.
Wie in eerdere jaren met AOW en een klein pensioen geen aangifte heeft gedaan, kan in 2026 nog belasting terugvragen over 2021 tot en met 2025. In Mijn Belastingdienst kan de aangifte eerst worden ingevuld om te zien of er een teruggaaf of betaling uitkomt; pas na verzending is daadwerkelijk aangifte gedaan. Een teruggaaf wordt doorgaans uitgekeerd vanaf een bedrag boven €18. Wie moet bijbetalen, moet in bepaalde gevallen aangifte doen vanaf €58.
Wie in 2026 de AOW-leeftijd bereikt en een voorlopige aanslag ontvangt, moet bovendien controleren of het geschatte inkomen nog klopt. De Belastingdienst kan zo’n aanslag stopzetten omdat het inkomen na het bereiken van de AOW-leeftijd verandert. Na het vaststellen van de nieuwe inkomsten kan opnieuw een voorlopige aanslag worden aangevraagd.
Vandaag Inside: Valentijn verrast door Vier Linkerhanden: 'Dacht dat je haar ging ophalen voor de KamaSutrA beurs!'