Amsterdamse waanzin: 25 euro voor een patatje en 22 euro voor een kapsalon - 'De gewone man is niet meer welkom!'

vrijdag, 6 februari 2026 (09:06) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

In Amsterdam verschijnen recent meerdere horecazaken die klassieke Nederlandse snacks en gerechten omvormen tot duurdere, ‘verfijnde’ versies, wat tot felle reacties leidt. In Amsterdam-Zuid opende pannenkoekenhuis Hendrik, waar naast marmeren bars en flessen champagne van ongeveer €65 ook een “patatje stoof” voor €24,75 op de kaart staat. In Amsterdam-Noord biedt een zaak die zichzelf Sizzler noemt een kapsalon aan voor €22—een gerecht dat oorspronkelijk als goedkoop straatvoedsel uit Rotterdam ontstond.

Eigenaren en koks verdedigen zulke prijzen: op TikTok verklaarde een eigenaar dat het om “kalfsspareribs” gaat die met de hand zijn bereid. Horeca-trendwatcher Wouter Verkerk ziet dit als onderdeel van een bredere ontwikkeling en spreekt van de opkomst van “Dutch Cuisine”, een herwaardering van lokale producten waarbij ook de beleving en inrichting worden betaald.

Tegenover deze verklaringen staat stevige kritiek. Tegenstanders noemen het een vorm van gentrificatie en culturele toe-eigening: traditionele, betaalbare gerechten zouden hun eenvoudige karakter en toegankelijkheid verliezen wanneer ze voor toeristen, expats en vermogende stadsbewoners voor hoge prijzen worden verkocht. De kritiek koppelt de prijsexplosie aan bredere problemen in Amsterdam: stijgende huren, een krappe woningmarkt en een horeca-economie die inspeelt op een koopkrachtiger clientèle. Volgens critici maakt dat de stad minder leefbaar voor mensen met normale inkomens en verandert het lokale culturele landschap in een pretpark voor de rijken.

De discussie raakt bredere thema’s: economische ongelijkheid, de rol van stadsbeleid en de vraag of culinaire vernieuwing traditionele gerechten mag herinterpreteren zonder hun sociale functie te ondermijnen. Voorstanders wijzen op smaakontwikkeling en waardering van streekproducten; tegenstanders benadrukken dat betaalbaarheid en gemeenschapswaarden verloren gaan als elke volksklassieker wordt ‘ge-hipt’ en duurder gemaakt.

Kortom: de recente trend in Amsterdam om oer-Hollandse gerechten op te waarderen en fors duurder aan te bieden heeft geleid tot een cultureel en politiek debat over wie toegang heeft tot de stad en haar eetcultuur — en of innovatie de sociale draagkracht van traditionele gerechten mag overrulen.