Amsterdams modemagazine Shopwork staat vol hippe kledingpatronen voor de amateurnaaier: 'Alles wordt stap voor stap uitgelegd'
In dit artikel:
Met het pas verschenen magazine Shopwork willen journalist en artdirector Anke Hofstra (33) en samenwerkende ontwerpers de doe-het-zelfmode in Nederland nieuw leven inblazen. Shopwork verschijnt halfjaarlijks en bevat in de eerste editie tien patronen — van een eenvoudige top tot een complex colbert — die stap voor stap en in beeld uitgelegd worden, inclusief materiaallijstjes en duidelijke foto-instructies. Doel: makers van verschillende niveaus in staat stellen om zelf hoogwaardige, eigentijdse kleding te produceren en zo meer waardering voor kleding en ambacht terug te brengen.
Hofstra schat dat bestaande patronenbladen als Burda en Knipmode te ouderwets zijn voor wie moderne, designerachtige kleding wil maken. Daarom zoekt Shopwork de middenweg tussen hobbynaaien en high fashion: toegankelijke patronen met esthetiek en vakmanschap. Elke editie werkt het magazine samen met een ander ontwerpersteam; de eerste keer zijn dat Diek Pothoven (32) en Douwe de Boer (29) van het Amsterdamse label Martan, dat bekendstaat om circulaire ontwerpen en het hergebruiken van textielafval uit de luxehotelindustrie.
Martan ziet Shopwork als een manier om duurzaamheid en vakmanschap dichter bij consumenten te brengen. Door zelf kleding te maken, begrijpen mensen beter wat er allemaal in een kledingstuk zit — van gulp tot naden — en worden ze minder geneigd tot wegwerpaankopen. Hofstra en de ontwerpers hopen ook te laten zien dat naaien geen uitsluitend vrouwelijke bezigheid is en dat veel ontwerpen unisex toepasbaar zijn.
Het magazine is getest door een kritisch panel van makers en ontwerpers, waaronder Tijn Roozen en Jinte van den Berg en modeontwerper Joanne Olinga. Zij beoordeelden de instructies als logisch en aanpasbaar; Shopwork moedigt bovendien aan om materialen en details naar eigen smaak te variëren, waardoor elk gereproduceerd model een persoonlijke twist krijgt. Dat benadrukken ook de Martan-ontwerpers: de patronen zijn navolgbaar, maar het eindresultaat moet ieders eigenheid weerspiegelen.
Praktische voorbeelden uit het magazineleven illustreren het idee: Laura Steenge (36), coupeur bij De Nationale Opera & Ballet, werkt in haar ‘woonkameratelier’ aan een top uit Shopwork en past het patroon naar eigen inzicht aan. Voor veel makers is die mogelijkheid tot maat- en stijlvariatie juist de meerwaarde: kleding die beter past, langer gedragen wordt en persoonlijker is.
Shopwork wil daarmee niet alleen hobbyisten bedienen, maar ook een alternatief industrieel model promoten waarin productie transparanter blijft en consumenten meer betrokken raken bij het maakproces. Het magazine is te koop bij Atheneum Boekhandel en online te bestellen.