Amsterdam gaat wéér de strijd aan met de provincie om windmolens Noorder IJplas - maar als het nu niet lukt, geeft de gemeente het op

woensdag, 27 mei 2026 (10:48) - Het Parool

In dit artikel:

Amsterdam en de provincie Noord-Holland botsen opnieuw over de plannen voor drie windturbines bij de Noorder IJplas, op de grens van Amsterdam‑Noord en Zaandam. Energiecoöperaties en bedrijven willen daar samen 16 MW aan windvermogen realiseren, maar de provinciale omgevingsdienst gaf slechts een deels positieve ontheffing: onderzoeksvragen over effecten op vogels en de meervleermuis leidden tot een gedeeltelijke afwijzing. Die ecologische risico’s staan centraal in het besluit.

Wethouder Zita Pels (Duurzaamheid) heeft in een brief aan de gemeenteraad aangekondigd dat de gemeente tijdelijk de juridische procedures van de coöperaties overneemt en bezwaar indient tegen de afwijzing. Daarmee staat het stadsbestuur opnieuw tegenover de provincie; eerder dit jaar kwamen gemeente en provincie al tegenover elkaar te staan bij de bestuursrechter in Haarlem over een uitzondering op het bestemmingsplan. De windplannen sleepten al sinds 2007 voort, en de coöperaties voeren al zo’n drie jaar procedures met de omgevingsdienst.

De gemeente vindt de strenge eisen voor natuuronderzoek onredelijk en vreest dat die een precedent scheppen dat andere windprojecten in de regio—bijvoorbeeld in de haven—bemoeilijkt. Tegelijkertijd stuit het ingrijpen van Amsterdam op verzet van omwonenden van de Noorder IJplas. Woonbootbewoners zeggen zich onvoldoende beschermd te voelen tegen geluidsoverlast en mogelijke gezondheidsschade en vinden dat de gemeente te veel met de coöperaties samen optrekt. Zij ervaren het overnemen van bezwaren door de gemeente als doordrammen.

Pels geeft wel aan dat de plannen snel kunnen worden beëindigd: als Amsterdam de rechtszaak over de bestemmingsplanuitzondering verliest, wil de gemeente niet in hoger beroep gaan om bewoners niet langer in onzekerheid te laten. Bovendien geldt dat zonder de recent geweigerde ontheffing ook de eerder als alternatief genoemde optie om één windturbine te bouwen van de baan is. Als de Noorder IJplas‑variant definitief niet doorgaat, wil Pels in overleg met de regio onderzoeken of de afgesproken hoeveelheid windenergie elders binnen de regio kan worden gerealiseerd.

Kortom: het initiatief om lokaal groene stroom te produceren wordt belemmert door ecologische zorgen en een bestuurlijke strijd tussen gemeente en provincie, met bewoners die zich aan beide kanten van die strijd ontevreden voelen. Als de provincie vasthoudt aan haar afwijzing, lijken de kansen op windenergie bij de Noorder IJplas voorlopig verkeken.