Amerikadeskundige Jelte Olthof maakt zich grote zorgen: Trump is niet te keren

zaterdag, 17 januari 2026 (08:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Op 20 januari is het een jaar geleden dat Donald Trump opnieuw het presidentschap van de Verenigde Staten op zich nam. De Groningense amerikanist Jelte Olthof (42), verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, reflecteert op die turbulente terugkeer en zoekt naar verklaringen voor het relatief beperkte, zichtbare verzet tegen zijn beleid.

Olthof, die vanwege zijn wekelijkse Trump-rubriek ook terughoudend is geworden om de VS te bezoeken, noemt het eerste jaar van Trump II een aaneenschakeling van schokkende gebeurtenissen. Centraal staat 6 januari 2021 (J6) — de bestorming van het Capitool — die hij ziet als een door Trump aangestuurde poging om de democratie omver te werpen. Volgens hem is die gebeurtenis een cruciale breuklijn in de Amerikaanse geschiedenis en had Trump destijds streng aangepakt moeten worden. In plaats daarvan zorgden traag optredend ministerie van Justitie en benoemingen van loyale rechters voor juridische onzekerheid; eenmaal weer in het Witte Huis verleende Trump met een pennenstreek pardon aan circa 1.500 veroordeelde opstandelingen.

Olthof signaleert dat Trump weinig scrupules kent als het gaat om instituties en democratische normen. Hij bereidt de grond voor om verkiezingsuitslagen te ondermijnen door nu al claims te zaaien dat hij de tussentijdse verkiezingen (midterms) met een „gigantische voorsprong” zal winnen en fraude zal aanvoeren als dat niet zo is. Dat vormt, stelt Olthof, een direct gevaar voor het vertrouwen in verkiezingsprocedures en de stabiliteit van het systeem.

Een andere belangrijke pijler van Trumps beleid is de systematische druk op hoger onderwijs en maatschappelijke instellingen. Volgens Olthof lopen universiteiten tegen politieke en financiële knelpunten aan: besturen stoppen projecten uit schrik voor repercussies en specialismen zoals gynaecologie raken onder druk doordat ze worden gekoppeld aan controversiële thema’s als vrouwenrechten. Veel buitenlandse en Amerikaanse academici bevinden zich in een rouwproces over het imago van hun land en overwegen weg te blijven of op congressen laptops thuis te laten uit vrees voor surveillance of repercussies.

Tegelijkertijd is het beeld dat er nauwelijks protest is tegen Trump te simplistisch: er zijn wel degelijk veel demonstraties — van lokale acties tot de No Kings-protesten die op 14 juni bij Trumps verjaardag landelijk miljoenen zouden mobiliseren — maar die halen niet altijd internationale koppen. Olthof benadrukt dat veel demonstranten vreedzaam opereren en afstand nemen van het soort geweld dat J6 kenmerkte. De verklaring waarom niet meer mensen massaal in opstand komen, is volgens hem deels praktisch: veel Amerikanen hebben geen sociaal vangnet en zijn financieel kwetsbaar; politiek ingrijpende maatregelen raken lang niet altijd direct ieders dagelijks leven. Bovendien heeft het Amerikaanse systeem, met een sterke uitvoerende macht en relatief zwakke parlementaire tegenmacht, de oppositie minder instrumenten om snel tegenwicht te bieden.

De rechterlijke macht bood aanvankelijk nog hoop als rem op Trump, maar door rechterlijke benoemingen en juridische manoeuvres is die buffer uitgehold. Ook internationale rechtsregels (zoals het Internationaal Gerechtshof) tellen in Washington minder zwaar. Olthof waarschuwt dat de VS richting een autoritairere staat kan schuiven, maar noemt een volledige dictatuur nog te voorbarig: Trump heeft in januari 2021 formeel zijn verlies erkend door het presidentschap te verlaten en daarmee een grens getrokken.

Vooruitkijkend noemt Olthof de midterms in november en vooral de presidentsverkiezingen van 2028 cruciale toetsen. In 2028 loopt Trumps tweede termijn af en formeel kan hij zich niet herkiesbaar stellen; Olthof maakt zich zorgen over scenario’s waarin machthebbers proberen constitutionele spelregels te wijzigen om aan de macht te blijven, met voorbeelden als Xi, Poetin en Erdoğan als alarmerende referenties. Binnen de Democratische partij zoeken sommigen naar alternatieven; de Californische gouverneur Gavin Newsom wordt genoemd als mogelijke tegenpool voor latere races.

Kortom: Olthof schetst een land waarvan instituties en academische vrijheden onder druk staan, waar juridische en politieke manoeuvres de macht van de president versterken, en waar protesten aanwezig maar vaak gefragmenteerd zijn. De situatie noopt volgens hem tot waakzaamheid: Amerika trekt internationaal nog steeds aan het kleed van stabiliteit, maar de contouren van een autoritairer bestuur worden met de dag zichtbaarder.