Amerikaanse regering wil nu ook zwaarste veroordelingen voor Capitoolbestorming laten vernietigen
In dit artikel:
Het Amerikaanse ministerie van Justitie heeft bij een federaal hof van beroep verzocht om de resterende veroordelingen van twaalf leden van de extreemrechtse groeperingen Proud Boys en Oath Keepers – veroordeeld voor opruiende samenzwering in verband met de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021 – te laten vernietigen. Met die stap wil de regering voorkomen dat zij in een gênante positie komt te staan bij lopende beroepszaken.
Achtergrond: na de bestorming van het Capitool werden honderden deelnemers vervolgd; honderden kregen gevangenisstraffen, sommige van meer dan twintig jaar. Volgens het artikel verleende president Donald Trump kort na zijn ambtstermijn aan veel van hen gratie of verminderde straffen, waardoor velen vrijkwamen; bij een aantal leiders, onder wie Oath Keepers-oprichter Stewart Rhodes (veroordeeld tot 18 jaar), bleef de veroordeling formeel echter bestaan. De rechtbank oordeelde dat sommige leiders de aanval hadden voorbereid of hun leden via berichten hadden aangestuurd, ook al namen ze niet altijd fysiek deel.
Waarom nu vernietigen? Een aantal veroordeelden is in beroep gegaan en moet binnenkort moties indienen waarin zij betogen dat het ministerie van Justitie destijds buiten zijn bevoegdheid handelde. Omdat die oorspronkelijke aanklachten door het vorige ministerie waren geformuleerd, zou de huidige regering-Trump de verantwoordelijkheid krijgen om die oude vervolgingen te verdedigen – en mogelijk moeten erkennen dat de daders in opdracht van Trump handelden. Om die hachelijke verplichting te vermijden stelt Justitie dat het seponeren van de zaken "in het belang van de rechtvaardigheid" is en vraagt het de veroordelingen te schrappen.
Reacties lopen uiteen. De advocaat Nicholas Smith noemt het verzoek "een wijze beslissing" en waarschuwt tegen het trekken van een precedent waarbij elke fysieke confrontatie met veiligheidstroepen automatisch als opruiing zou gelden. Gewonde agenten daarentegen zijn teleurgesteld; voormalig agent Michael Falone noemt de betrokkenen verraders die een opstand hebben gepland en uitgevoerd.
De precieze timing waarop het hof van beroep over het verzoek beslist is nog onbekend. De stap illustreert hoe politieke keuzes rond gratie en vervolging voortduren na 6 januari en hoe het gerechtelijk proces nog steeds botst met politieke belangen en reputatiebeheer.