Amerikaanse rechter fileert verbod windparken om 'veiligheidszorgen' bij Witte Huis : Deens Ørsted mag megabouw in VS doorzetten
In dit artikel:
Het Deense energiebedrijf Ørsted mag de bouw van het Revolution Wind‑project voor de kust van Rhode Island weer hervatten, oordeelde een Amerikaanse federale rechter deze week. Het vonnis zet een eerdere blokkade van het ministerie van Binnenlandse Zaken terug, dat eind vorig jaar een schorsing van negentig dagen oplegde aan vijf offshorewindprojecten uit veiligheidszorgen.
Revolution Wind is bijna voltooid (ongeveer 90%) en moet 700 megawatt produceren, genoeg voor circa 350.000 huishoudens in het noordoosten van de VS. Ørsted zegt door de bouwstop al zo’n 105 miljoen dollar schade te hebben geleden; de commotie leidde tot het vertrek van de topman en een koersval van het aandeel. In een verklaring liet het bedrijf weten zo snel mogelijk met de werkzaamheden door te gaan.
De rechter in Washington was kritisch over de motivering van het ministerie: er was volgens hem geen overtuigend bewijs voor een acute noodsituatie en onduidelijk waarom Ørsted de vermeende veiligheidsproblemen niet had kunnen aanpakken. Ook wees de rechtbank erop dat het uitblijven van een degelijke onderbouwing en inspraak mogelijk in strijd is met de Administrative Procedure Act, die federale beleidswijzigingen zorgvuldig vereist.
Het Witte Huis houdt vol dat het tegen de projecten zal blijven optreden. De zaak maakt deel uit van een bredere juridische strijd: ook Equinor en Dominion procederen tegen schorsingen, terwijl bedrijven als RWE en Shell hun Amerikaanse plannen hebben gestaakt. Het vonnis kan precedentwerking hebben voor toekomstige offshorewindontwikkelingen langs de Amerikaanse oostkust.