Amerikaanse overheid zet Abou Eenarm (Hamas, Oxfam, D66) op sanctielijst terrorisme
In dit artikel:
Amin Abou Rashed, beter bekend als Abou Eenarm, staat samen met zijn dochter Israa en hun hulpstichting Israa Charitable Foundation (gevestigd in Nederland) op de Amerikaanse sanctielijst vanwege het financieren van Hamas. De stichting maakt deel uit van de Union of Good, een parapluorganisatie die direct rapporteert aan de militaire vleugel van Hamas en via schijnbare liefdadigheidsactiviteiten geld verzamelt ten behoeve van deze terroristische groep. Abou Rashed fungeert als een belangrijke Hamas-operator in Europa en is verantwoordelijk voor het werven van miljoenen dollars voor Hamas, waarbij de stichting dient als dekmantel.
Al sinds 2010 wordt Abou Eenarm in Nederland nauwlettend gevolgd vanwege zijn banden met Hamas en antisemitische houding. Ondanks de sancties, bleef hij actief in Nederlandse maatschappelijke kringen; zo reisde hij mee op handelsmissies naar Qatar, werkte samen met organisaties als Oxfam Novib, liet zich zien bij demonstraties met D66 en stond vooraan bij het controversiële The Rights Forum. Ook ontving hij steun van bekende activisten zoals Asha ten Broek. Nederland heeft hem al enige tijd op de korrel vanwege het overmaken van geld aan Hamas, maar zijn betrokkenheid bij allerlei netwerken en evenementen toont dat er nog veel onduidelijkheden en uitdagingen zijn in het toezicht op zulke figuren en hun organisaties.
De Amerikaanse sancties, vastgelegd onder Executive Order 13224, betreffen meerdere organisaties en personen die Hamas financieel en materieel ondersteunen, waaronder de Israa Foundation, haar vertegenwoordigers Amin Ghazi en Israa Abou Rashed, en andere gerelateerde entiteiten zoals El Baraka en La Cupola d’Oro. Hiermee benadrukt het Amerikaanse ministerie van Financiën het belang van het onderscheppen van financiële steun aan terroristische groeperingen via gepresenteerde liefdadigheidsnetwerken. Deze acties illustreren de voortdurende internationale inspanningen om Hamas en diens infrastructurele steun netwerken aan te pakken.