Als schrijvend redacteur voor de camera: 'Je mag best een beetje quirky zijn'
In dit artikel:
Krantenjournalisten kunnen niet meer anoniem achter hun toetsenbord blijven zitten: redactievideo’s zijn in opkomst. NRC en de Volkskrant vertellen hoe ze schrijvende collega’s omvormen tot korte presentatoren voor social video’s, met als doel vooral jongere doelgroepen te bereiken en bestaande artikelen op een meer directe, toegankelijkere manier te herverpakken.
Bij NRC is een videoteam ongeveer een jaar actief. De redactie erkent dat kranten later waren met social video dan veel omroepen, maar probeert nu met een ‘start-up’-mentaliteit te experimenteren en up-to-date te blijven. Van de circa 350 geproduceerde video’s leidde dit tot slechts weinig interne kritiek: meestal wordt een artikel hergebruikt en soms afgetast met de oorspronkelijke auteur, maar veel gebeurt autonoom. Belangrijk uitgangspunt is dat journalisten die gefilmd worden, dat vrijwillig moeten doen; dwingen levert geen geloofwaardige video’s op. Een kernpraktijk is: lees het artikel en vertel in spreektaal wat je onthoudt, alsof je het aan iemand in een café uitlegt.
Inhoudelijk verschuift de vorm: clips duren slechts enkele minuten, scripts tellen hooguit enkele honderden woorden en vragen om een sterke openingszin en een duidelijke kernboodschap—niet alleen wat er gebeurde, maar waarom het ertoe doet. NRC-video’s gebruiken informeler taalgebruik, vermijden jargon en laten af en toe humor toe die je in de krant minder snel zou tegenkomen. Presenteren betekent ook zichtbaar en aanspreekbaar zijn; dat levert soms inhoudelijke reacties maar ook aanvallen op, zoals ervaren door een vrouwelijke journalist met hoofddoek die negatieve comments ontving. De belangrijkste tip van NRC: “Ga er niet met tegenzin staan, want dat is te zien.” Journalisten hoeven geen tv-professionals te worden; ze blijven krantenmakers die een ander platform gebruiken.
Bij de Volkskrant is één videoredacteur verantwoordelijk voor het shortform-aanbod, samen met chef Corinne van Duin. Haar eigen route begon via een TikTok-kanaal met explainers (daar verschenen dertien filmpjes) en een mediatraject; sinds november werkt ze structureel aan korte uitlegvideo’s voor de krant. De Volkskrant kiest er bewust voor geen losse presentatoren aan te stellen, maar journalisten hun eigen stukken te laten vertellen. Dat levert soms spanning — studio, belichting en een team zijn nieuw voor veel schrijvers — maar de redactie begeleidt presentaties op maat: sommige collega’s krijgen een volledig script, anderen liever vragen of een losse opzet. Die aanpak erkent individuele voorkeuren en moedigt authenticiteit aan; quirks en onzekerheden horen erbij.
Beide redacties benadrukken experimenteren en flexibiliteit: de video’s zijn een middel om bereik te vergroten en journalistieke inhoud geschikt te maken voor snelle, visuele consumptie. Training, samenwerking tussen video- en tekstredacties, en het selecteren van gemotiveerde collega’s blijken cruciaal. Voor krantenjournalisten luidt het advies: doe het alleen als je het leuk vindt, werk samen met de videoredactie aan een compact script en concentreer je op helder communiceren waarom een onderwerp belangrijk is. Het resultaat: meer zichtbaarheid voor het zware werk achter artikelen en nieuwe manieren om publiek, vooral jongeren, te bereiken.