Als eerste stopte deze hogeschool met het bindend studieadvies. Nu halen meer studenten hun diploma - ook diegenen die vroeger weggestuurd zouden worden
In dit artikel:
Zuyd Hogeschool in Limburg schafte vier jaar geleden als eerste hogeschool het bindend studieadvies (bsa) af en verving het door een niet-bindend persoonlijk studieadvies (psa). Onderzoek van het lectoraat Professionalisering van het onderwijs, in samenwerking met bestuurder en bijzonder hoogleraar Saskia Brand‑Gruwel, laat zien dat die stap leidt tot hogere diplomakansen en minder voortijdig afhaken onder eerstejaars, met name bij mannen.
Het bsa is het minimumaantal studiepunten dat veel eerstejaars moeten halen om te mogen blijven; het pst vervangt die harde grens door een gesprek met een studieloopbaanbegeleider over voortgang, omstandigheden en passende vervolgstappen. Zuyd voerde het psa na pilots en een coronajaar waarin iedereen uitstel kreeg om studiepunten te verzamelen. De instelling vond het bsa niet langer in lijn met haar onderwijsvisie: ze wil studenten ondersteunen in plaats van snel afwijzen.
Voor het onderzoek zijn bijna 1.500 studenten gevolgd die in 2021 aan een van 30 voltijd-bacheloropleidingen begonnen en na vier jaar nog ingeschreven stonden. Resultaten: 85,5% kreeg een positief psa; 12,2% haalde formeel het puntenniveau niet maar de opleiding leek wel passend; 2,3% voldeed niet aan die criteria maar zette toch door. Van de groep met een positief advies had bijna 60% binnen vier jaar het diploma behaald. Belangrijk: ruim 20% van de studenten die bij een bindend advies op basis van punten weggegaan zouden zijn, behaalde alsnog binnen vier jaar een diploma. Ook viel het aantal voortijdige uitval onder mannelijke eerstejaars terug vergeleken met de situatie vóór de afschaffing van het bsa.
Het onderzoek toont bovendien dat mannen en havo‑stromers in het eerste jaar vaker een negatief advies krijgen dan vrouwen, mbo‑instromers of internationale studenten, terwijl zij later in de studie niet slechter presteren. Brand‑Gruwel benadrukt daarom dat sommige studenten simpelweg meer tijd of begeleiding nodig hebben en pleit: “Neem jongeren die aan een opleiding beginnen serieus en laat ze niet te snel los.”
Hoewel in de kleinste groep (studenten die doorgingen ondanks een slecht passend advies) nog geen afstudeerders waren, zag men daar ook voortgang. Verschillen in behaalde studiepunten en tempo tussen de groepen verdwijnen grotendeels in het vierde studiejaar. Of de gemiddelde studieduur door de maatregel toeneemt is nog onduidelijk; Zuyd stelt dat het uiteindelijk behalen van een diploma belangrijker is dan snelheid. Het Zuyd‑onderzoek bevestigt eerdere grootschalige bevindingen dat het bsa mogelijk averechts werkt voor diplomakansen.