Alles wat fout ging bij Audi concentreert zich in de A6 e-tron Avant
In dit artikel:
Gernot Döllner staat onder druk: mensen vertrekken bij Audi, verkoopcijfers storten in, Amerikaanse importheffingen en teruglopende kwaliteit knagen aan het merk. In plaats van te saneren kiest Döllner voor een dure terugkeer naar de Formule 1 — een prestigeproject dat veel geld vraagt maar op korte termijn weinig oplevert voor klanten. Die keuze wordt in het artikel gezien als symptomatisch voor een bedrijf dat zijn prioriteiten kwijt is.
Ik reed de A6 e‑tron Avant, Audis elektrische interpretatie van de klassieke stationwagen. Waar de Avant jarenlang symbool stond voor elegante zakelijke mobiliteit, laat deze e‑tron veel steken vallen. De accu onder de vloer verhoogt de carrosserie, terwijl het slanke dak de Avant‑silhouet moest bewaren; dat levert een samengeperste cabine en krappe deuropeningen op. Instappen voelt geforceerd, de zit is prima maar het dagelijks gebruik is hinderlijk: de kofferklep opent alleen volledig met de afstandsbediening, de middenconsole plaatst je hand steeds op de alarmknop en de zware, wijd openslaande deuren zijn onhandig te sluiten. Digitale buitenspiegels beslaan bij winterse omstandigheden — gelukkig zijn er nog conventionele spiegels als alternatief.
Op efficiencygebied scoort de A6 e‑tron gemiddeld redelijk: tijdens de test 22,5 kWh/100 km in het zuinigste geval, bij sportiever rijden zo’n 26 kWh. Dat vertaalt zich in circa 400 km in de winter en ruim meer in de zomer. Maar snelladen teleurstelt: in plaats van de beloofde 270 kW bleef de piek rond 117 kW steken. Bovendien werkt batterijvoorverwarming — cruciaal voor snelle laadsessies bij lage restcapaciteit — alleen als je handmatig een laadbestemming in de navigatie invoert.
Esthetisch vindt de auto zijn richting niet; een onscherp profiel en een karakterloze neus staan haaks op de zuivere lijnen van vroegere A6‑generaties. De auteur waarschuwt: Audi heeft zijn maatstaven laten varen, klanten haken af richting BMW, Mercedes of voordeliger maar technologisch sterke Chinese merken. Dat laatste wordt versterkt door samenwerkingen in China (onder meer met SAIC) die lokale, technisch Chinese modellen opleveren — en een in China verkozen auto van het jaar 2026 voortbrachten. Met voormalig Audi‑ontwerper Wolfgang Egger nu bij BYD als tegenvoorbeeld, luidt de oproep: saneer het aanbod en herstel de basiskwaliteit voordat je je geld verspeelt aan prestigeprojecten.