'Alleen samen krijgen we corona onder controle' was de slogan. Maar uit de terugblik blijkt: van controle was amper sprake. En samen ging het ook lang niet altijd

vrijdag, 10 juli 2026 (20:34) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

De eerste zes weken van de parlementaire enquête over corona schetsen een scherp beeld van een kabinet dat tijdens de pandemie lang niet zoveel grip had als het zelf naar buiten toe uitdroeg. Uit de verhoren blijkt dat premier Mark Rutte, oud-zorgminister Hugo de Jonge en oud-justitieminister Ferd Grapperhaus vaak samen optrokken, maar onderling en binnen het kabinet geregeld flinke ruzie maakten over zware maatregelen, zoals de avondklok, schoolsluitingen en de volgorde van vaccineren.

Volgens meerdere betrokkenen draaide het beleid vooral om één angst: dat de Nederlandse IC-zorg zou vastlopen zoals in het Italiaanse Bergamo. Die vrees bepaalde bijna alles. Toen Duitsland in het begin hulp bood met ziekenhuisbedden, werd een mogelijk “code zwart” afgewend, maar juist dat versterkte volgens oud-ministeren en ambtenaren de fixatie op ziekenhuisopnames als leidraad voor beleid. Daardoor kwamen economische schade, onderwijs en psychisch welzijn van jongeren vaak op de tweede plaats.

De verhoren laten ook zien hoe chaotisch en wisselend het beleid was. Maatregelen werden aangescherpt zodra besmettingen stegen en weer versoepeld als cijfers daalden, soms te snel. Ministeren en topambtenaren spraken zelf over tunnelvisie, een wirwar aan regels en een regering die steeds achter de feiten aanliep. Vooral scholen, jongeren en gezinnen kregen de gevolgen hiervan te voelen. Ondanks waarschuwingen over eenzaamheid en leerachterstanden bleven scholen regelmatig dicht.

Uiteindelijk bleek uit de hoorzittingen niet alleen hoe groot de druk in de eerste coronamaanden was, maar ook hoe verdeeld, reactief en onzeker de besluitvorming achter de schermen verliep.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Hugo Borst vindt dat nieuwe bondscoach Virgil van Dijk níet meer moet oproepen: 'Het is klaar'