'Alexander Klöpping wil de toerismebelasting verhogen, maar is blind voor een aantal belangrijke gevolgen'
In dit artikel:
Stephen Hodes reageert op voorstellen van Alexander Klöpping en de stichting Amsterdam heeft een keuze in Het Parool. Klöpping pleitte voor een forse verhoging van de toeristenbelasting — van het huidige 12,5% (al een van de hoogste in Europa) naar 32% — om inkomsten te genereren en het aantal hotelovernachtingen terug te brengen naar zo’n 20 miljoen per jaar. Hodes vindt dat dit plan te eenzijdig is en ongewenste neveneffecten zal veroorzaken.
Hij waarschuwt voor een waterbedeffect: hogere prijzen in de stad zullen internationale bezoekers naar hotels in de regio duwen (Zaandam, Diemen, Haarlemmermeer, Almere), vaak met “Amsterdam” in hun naam. Dat kan de hotelovernachtingen in de stad doen dalen maar juist het aantal dagtoeristen en de druk op het regionale openbaar vervoer vergroten, terwijl dagbezoekers economisch minder opleveren. Ook maakt Hodes zich zorgen over de MICE-sector (congressen en zakelijke evenementen): als Amsterdam te duur wordt, wijken organisaties uit naar andere steden, wat schadelijk is voor congreslocaties, hotels en de kenniseconomie.
Daarnaast wijst hij op ontwikkelingen die toerisme blijven aanjagen: de geplande opening van Lelystad voor vakantievluchten, de groei van Schiphol en internationale treinverbindingen, en nieuwe trekpleisters. Zijn conclusie: aan één draaiknop draaien levert mogelijk meer geld op maar lost het probleem van overtoerisme, vercommercialisering en drukte niet op — het verschuift of verergert de problemen.