Alex van Warmerdam schrijft verhalen vol suspense: 'De enige figuur in de literatuur die ik had willen verzinnen is Ripley'

woensdag, 29 april 2026 (11:02) - Het Parool

In dit artikel:

Alex van Warmerdam (73) keert na vrijwel veertig jaar terug naar proza met de verhalenbundel Geen zorgen, ik hou van je. De bundel bevat zes korte, suspensevolle verhalen die, net als zijn films, balanceren tussen nuchter realisme en een licht surreële, soms morbide sfeer. Voorbeelden uit de reeks: een krantenjongen die na een gratis exemplaar wordt uitgenodigd bij de man van het benzinestation; een oom die bij het ophalen van zijn neefje verliefd wordt op een meisje in de zandbak; een minnares die haar baby met bijzondere instructies achterlaat; en een bovenbuurman die een barbecue bespiedt en zelf wordt uitgenodigd. De toon varieert van onheilspellend naar sinister, maar Van Warmerdam relativeert etiketten als ‘griezelverhalen’.

Van Warmerdam debuteerde in 1987 met de roman De hand van een vreemde, maar concentreerde zich daarna decennialang op film, theater en schilderen. Hij legt uit dat hij het directe contact met publiek en de terugkoppeling daarvan mistte bij literatuur, waardoor romans lange tijd bleven liggen. Poëzie schreef hij later, deels nadat collega Judith Herzberg hem aanspoorde; die gedichten ontstonden in een periode van overspanning rond 2005. Het idee voor de korte verhalen kwam ongeveer vier à vijf jaar geleden, mede doordat hij veel kort proza las en terugdacht aan sprookjes uit zijn jeugd (Grimm, Andersen).

Het schrijfproces was traag en zorgvuldig: losse beginfragmenten, veel schrappen en herschrijven, en proeflezers—onder wie zijn partner Annet Malherbe en een gepensioneerde leraar Nederlands—die scherpe feedback leverden. Uitgever Jasper Henderson (van Thomas Rap) zette snel een publicatiedatum, waarna de teksten meerdere revisies ondergingen. Van Warmerdam geniet van het ‘schaven en schrappen’, iets wat hij ook in filmmontage toepast. Zijn stijl is spaarzaam; een van de verhalen is niet veel meer dan een pagina, maar roept volgens hem een complete filmische wereld op. De filmregel “show, don’t tell” noemt hij een bruikbare leidraad voor kort proza.

Persoonlijke elementen sluipen in de verhalen: het krantenjongenverhaal bevat autobiografische lagen. Hij erkent een beperkte woordenschat en schrijft in korte, gefragmenteerde periodes, waarbij hij vaak verkleinwoorden en overbodige zinnen weglaat. De bundel is opgedragen aan Annet Malherbe, vanwege haar steun en kritische opmerkingen tijdens het ontstaansproces. Als literaire referenties noemt hij vooral Patricia Highsmith en de Ripley-figuur, die hem altijd heeft gefascineerd.

Geen zorgen, ik hou van je markeert niet alleen Van Warmerdams terugkeer naar het proza, maar laat ook zien hoe korte verhalen hem de ruimte geven om met lengte, sfeer en suggestie te spelen — en past in een bredere hernieuwde belangstelling voor kort proza in Nederland.