Al 700.000 Libanezen gevlucht voor Israëlische bommen: 'Het leven is hier onmogelijk'
In dit artikel:
Het nationale stadion van Beiroet, normaal thuisbasis van het Libanese elftal, is veranderd in een opvangplaats voor tienduizenden ontheemden die vluchten voor Israëlische bombardementen. Midden op de tribunes speelt de tienjarige Mehdi alsof het een spel is, terwijl hij boven de rookpluimen wijst die uit de aangrenzende sjiitische wijk Dahiye opstijgen — zijn buurt is meerdere keren getroffen. “We zijn in onze pyjama vertrokken,” zegt een andere vluchteling, Yasser Moussa, die met zijn gezin uit het zuiden kwam na nachtelijke aanvallen en uitval van elektriciteit.
De recente escalatie begon volgens berichtgeving op 2 maart, toen de door Iran gesteunde militie Hezbollah raketten en drones op Israël afvuurde. Israël reageerde met honderden aanvallen op het zuiden van Libanon en zuidelijke delen van Beiroet, gebieden met veel aanhang van Hezbollah. Het resultaat is massale ontheemding: inmiddels zouden zo’n 700.000 mensen hun huis hebben moeten verlaten. Israël gaf evacuatieorders voor het hele zuiden en de zuidelijke wijken van Beiroet en riep op niet terug te keren, wat de hulpcrisis nog nijpender maakt.
Voor het stadion en op pleinen en de Corniche, waar normaal toeristen en marktkraampjes zijn, zitten gezinnen op straat of wachten in geïmproviseerde wachtkamers. Hulporganisaties zoals de lokale Mazumi Foundation en internationale ngo’s zetten tenten op in ondergrondse gedeelten; het Rode Kruis heeft er een medische post ingericht. Samer Al Safah van Mazumi noemt de schaal van de huidige aanvallen en het aantal ontheemden “ongezien”.
Hulpverleners staan voor een enorme logistieke uitdaging: korte termijn noodhulp (onderdak, medische zorg, matrassen, tenten) én mogelijk langdurige opvang als het conflict aanhoudt. De werkzaamheden zijn gevaarlijk; jonge vrijwilligers rijden ambulances onder vuur. Recent raakten twee vrijwilligers ernstig gewond bij een zogenaamde ‘double tap’ — een tweede aanval die volgt op eerdere bombardementen — en het Rode Kruis meldt inmiddels ook een dodelijk slachtoffer onder zijn medewerkers. De Belgische hulpverlener Anke Bert, die al sinds 2024 in Libanon werkt, zegt dat de huidige aanvalsgolf veel sneller en grover escaleert, waardoor mensen en hulpinstanties uitgeput raken.
De situatie in Beiroet en het zuiden blijft onstabiel, met voortdurende explosies en rookwolken terwijl opvanglocaties provisorisch proberen te voorzien in basisbehoeften voor de grote stroom vluchtelingen.