AI gaat arbeidsinfarct niet voorkomen
In dit artikel:
Een econoom van De Nederlandsche Bank (schrijft op persoonlijke titel) waarschuwt dat kunstmatige intelligentie wel werk verandert, maar de nijpende personeelstekorten in cruciale sectoren niet zal oplossen. AI versnelt administratie, kan teksten samenvatten, software schrijven en klanten bedienen, en bedreigt sommige kantoorfuncties — bij recente reorganisaties is dat ook als argument gebruikt om banen te beperken. Maar in sectoren met de grootste schaarste biedt het weinig soelaas: een chatbot metselt geen muur en voert geen verzorgend gesprek.
Concrete cijfers onderstrepen de krapte op de Nederlandse arbeidsmarkt: eind eerste kwartaal 2026 stonden nog 378.000 vacatures open, goed voor 91 vacatures per 100 werklozen. De bouw kent met 74 vacatures per duizend banen de hoogste vacaturegraad; ook in zorg en onderwijs lopen tekorten op. Technologie kan planning, administratie en bepaalde routineklussen verlichten (bijv. nakijken van toetsen of genereren van lesmateriaal), maar kan niet de menselijke relaties, zorgvuldigheid en verantwoordelijkheidsdrager vervangen die nodig zijn in klaslokalen, ziekenkamers of op de bouwplaats.
De oorzaak ligt grotendeels in demografie: vergrijzing zorgt voor massale uitstroom terwijl minder jongeren instromen. Het UWV schatte dat tot 2026 ongeveer 2 miljoen banen ontstaan tegenover circa 1,6 miljoen nieuwe arbeidskrachten. Tegen die achtergrond is de auteur verbaasd over discussies (zoals over kinderopvang) die onvoldoende rekening houden met het dreigend tekort aan arbeidskrachten.
Kortom: AI verhoogt productiviteit en vervangt routinetaken, maar lost het structurele arbeidstekort niet op. Alle beschikbare arbeidspotentiëlen zijn nodig; bouwen, onderwijzen, zorgen en verantwoordelijkheid dragen blijven menselijke taken waarvoor technologische hulp geen volwaardig alternatief biedt.