AI bedreigt de maatschappelijke afspraak waarop onze democratie berust

maandag, 31 augustus 2026 (00:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

In Noord-Virginia groeit het verzet tegen nieuwe AI-datacenters. Een gezin zag zijn elektriciteitsrekening verdubbelen, terwijl een nabijgelegen datacenter meer stroom verbruikt dan het aangrenzende stadje. De discussie lijkt technisch te gaan over energietarieven, ruimtelijke ordening en hoogspanningsverbindingen, maar volgens de auteur draait zij vooral om politieke macht: hebben elites burgers nog nodig wanneer technologie hun afhankelijkheid van arbeid, belastinggeld en instemming vermindert?

Moderne democratische rechten kwamen niet alleen voort uit idealen, maar ook uit de afhankelijkheid van machthebbers van gewone mensen. Staten hadden burgers nodig als soldaten en belastingbetalers; industriële elites waren voor hun eigen gezondheid en welvaart afhankelijk van voorzieningen als riolering en schoon water. Die wederzijdse afhankelijkheid gaf burgers onderhandelingsmacht en dwong machthebbers rekening met hen te houden.

AI hoeft niet iedereen werkloos te maken om die verhouding te veranderen. Het kan al voldoende zijn als bedrijven veel minder werknemers nodig hebben. In een economie waarin de meeste mensen afhankelijk zijn van uitkeringen of toelagen, terwijl de rijkdom en productiemiddelen in handen blijven van een kleine groep, kunnen consumptie en welvaart blijven bestaan zonder dat burgers veel zeggenschap krijgen. Hun arbeid, belastingbijdragen en collectieve organisatie verliezen dan een deel van hun politieke gewicht.

Datacenters illustreren dit risico. Ze leveren relatief weinig lokale banen op, maar vragen wel veel grond, water en elektriciteit en zijn afhankelijk van vergunningen en instemming van gemeenten en omwonenden. Volgens een Gallup-enquête uit maart was 71 procent van de Amerikanen tegen een datacenter in de eigen omgeving, onder wie 48 procent fel tegenstanders. Hogere energierekeningen, druk op de watervoorziening en de omvang van de installaties maken de gevolgen concreet.

Daarom zijn lokale protesten volgens de auteur belangrijker dan alleen een strijd tegen afzonderlijke projecten: ze vormen een van de laatste manieren waarop burgers invloed kunnen uitoefenen op een economie die steeds meer wordt beheerst door technologie en bezittingen waarover zij zelf geen zeggenschap hebben. Die invloed is echter kwetsbaar. Federale overheden kunnen lokale regels omzeilen, grond onteigenen of noodbevoegdheden inzetten als zij de industrie willen bevoordelen.

De oplossing ligt volgens het artikel niet in het stilleggen van technologische vooruitgang of in een terugkeer naar de oude arbeidsorde, die eveneens ongelijk was. Wel moet automatisering als een publieke kwestie worden behandeld. Dat kan door een deel van de opbrengsten te belasten en burgers democratische zeggenschap te geven over cruciale AI-infrastructuur. De centrale vraag is uiteindelijk of mensen hun instemming alleen gebruiken om datacenters tegen te houden, of om een nieuwe maatschappelijke afspraak af te dwingen waarin technologische rijkdom ook politieke invloed voor burgers oplevert.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Dave Maasland tegen Jesse Klaver: ‘Zet ondernemers niet steeds weg als een zak met geld’