AfD bindt strijd aan met Bauhaus, door partij-ideoloog in nazi-termen verguisd als 'dwaalweg van de moderniteit'

donderdag, 16 april 2026 (06:26) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Een eeuw na de verhuizing van het Bauhaus naar Dessau is de beroemde school en vormgevingstraditie opnieuw het mikpunt van politieke strijd, ditmaal door de Alternative für Deutschland (AfD) in de deelstaat Saksen-Anhalt. Met het oog op de deelstaatverkiezingen in september nam de AfD op een recent partijcongres een cultuurpolitiek programma aan waarin het Bauhaus wordt aangevallen als ontdaan van nationale geworteldheid. De partij noemt Hongarije onder Viktor Orbán een voorbeeld en wil onderwijs en cultuur in de deelstaat ‘nationaal‑conservatief’ hervormen—domeinen waar deelstaten veel bevoegdheid hebben.

Belangrijke spelers zijn Hans‑Thomas Tillschneider, co‑auteur van het AfD‑programma en lid van het deelstaatparlement, die in Querfurt het culturele beleid en de canon wil omgooien. Hij ziet het Bauhaus als een ideologie die “woonmachines” produceert en vindt dat de huidige regering het movement verheerlijkt. Tillschneider, door binnenlandse veiligheidsdiensten gepositioneerd als rechts‑extremistisch, benadrukt dat zijn groep geen nationaalsocialisten wil zijn maar plaatst cultuurpolitiek centraal omdat migratiebeleid op deelstaatniveau minder uitvoerbaar is.

Concreet bevat het programma maatregelen als het terugschroeven van kultuursubsidies aan kerken, meer nadruk op een ‘Duitse’ canon (bijvoorbeeld Otto I, Martin Luther, Bismarck, Nietzsche) en zelfs aparte schoolklassen voor kinderen in asielprocedures om hen te laten zien dat hun verblijf tijdelijk is. Juristen als Janos Richter van Verfassungsblog wijzen erop dat veel van deze voorstellen botsen met de grondwet en Europees recht; segregatie van vluchtelingenkinderen zou juridisch onhoudbaar zijn. Wel kan een AfD‑minister van Onderwijs binnen bepaalde grenzen lesmateriaal en accenten veranderen en cultuursubsidies beïnvloeden.

In Dessau zelf is het beeld genuanceerder: lokale AfD‑politici erkennen het toeristische en stedelijke belang van het Bauhaus, maar vinden dat de beweging te veel wordt verheerlijkt en dat moderne stedenbouw vaak het ‘Heimat‑gevoel’ ontbeert. Tegenover hen staan culturele bestuurders zoals Barbara Steiner van de Stiftung Bauhaus, die de kritiek afwijst en benadrukt dat het Bauhaus weldegelijk een traditie heeft en dat kritiek vaak te breed wordt getrokken—alles wat modern is wordt ten onrechte aan het Bauhaus toegeschreven.

Culturele instellingen bereiden zich voor op een mogelijk AfD‑bestuur: directeuren organiseren conferenties met collega’s uit Polen en Slowakije om te leren hoe instituten zich kunnen verhouden tot autoritair beleid. Steiner zegt duidelijk: in een deelstaat waar de AfD een meerderheid heeft, wil ze niet wonen.

Samenvattend gaat het conflict verder dan esthetiek: de AfD probeert cultuur en onderwijs te gebruiken als instrument van een bredere politieke koers die nationalistische identiteit en kritiek op vermeende ‘schuldcultus’ wil versterken. Hoe ver die plannen praktisch en wettelijk kunnen worden doorgevoerd, is twijfelachtig, maar de uitkomst van de verkiezingen in september zal bepalen of de AfD die bevoegdheden daadwerkelijk kan inzetten om het culturele landschap van Saksen‑Anhalt ingrijpend te veranderen.