Aantal zieken door uitbraak meningokokken loopt op, Britse jongeren in rij voor vaccin
In dit artikel:
In het zuiden van Engeland zijn 23 meldingen gedaan van een meningokokkenuitbraak; elf verdachte gevallen worden nog onderzocht, meldt de Britse gezondheidsdienst. De uitbraak trof vooral Canterbury en leidde afgelopen weekend tot twee dodelijke slachtoffers: een 21-jarige man, student aan de Universiteit van Kent, en een 18-jarige vrouw van de middelbare school. De bacterie veroorzaakte bij beide slachtoffers een hersenvliesontsteking.
De besmettingsgolf wordt in verband gebracht met een evenement in nachtclub Club Chemistry in Canterbury. Meningokokken verspreiden zich via druppeltjes in de lucht en kunnen ook door intensief contact zoals zoenen worden overgedragen. Veel dragers worden niet ziek; de ziekte treedt op wanneer de bacterie in de bloedbaan of het zenuwstelsel terechtkomt.
Het Britse ministerie van Volksgezondheid is afgelopen woensdag een gericht vaccinatieprogramma gestart voor studenten van de Universiteit van Kent. Sindsdien zijn volgens berichtgeving 5.841 mensen gevaccineerd en hebben meer dan 11.000 personen preventief antibiotica gekregen. De gezondheidsdienst spreekt van een positieve respons van jongeren die zich hebben aangemeld voor vaccinatie en antibiotische behandeling.
Klinisch beginnen ernstige gevallen vaak met klachten die op een verkoudheid of griep lijken; typische alarmsignalen zijn hevige hoofdpijn, een stijve nek, verwardheid, overgeven en paarse of rode huidvlekken. Bij zuigelingen kan de ziekte zich anders presenteren. Volgens het RIVM komt meningokokkenziekte het meest voor bij kinderen van 1–4 jaar, jongeren van 14–20 jaar en ouderen boven 60.
In Nederland is het vaccin tegen Meningokokken B, de huidige stam in Engeland, niet opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma; wie wil kan zich wel op eigen kosten laten inenten. Wel krijgen Nederlandse kinderen standaard bescherming tegen typen A, C, W en Y, met een herhalingsvaccinatie rond 14 jaar. De Gezondheidsraad besluit over eventuele opname van extra vaccins in het nationale programma.